Category Archives: media

Dienstmededeling (2)

De verhuis van de voltallige redactie heeft bloed en tranen en veel tijd gekost maar is uiteindelijk geslaagd. (Slechts drie parkeerboetes.)
Het archief is tot een minimum herleid, iets wat ons wellicht nog zal zorgen baren…Parten spelen.
We zijn nog altijd telefonisch bereikbaar: GSM 0498 54 74 75.
E-mail: frans.lavaert@gmail.com.
Zitten ook zo nu en dan op FB op alles en iedereen te foeteren en te schelden. Beheren aldaar nog een elitaire groep genaamd “slechte kortrijkzanen“.

Ons essay over de unieke Kortrijkse perse ligt EVEN STIL (3)

Geen paniek evenwel, stof te over.
Z’n journalist als (LPS) van HLN en anderen concullega moeten nog niet overmoedig op hun beide oren gaan slapen. Onze senior writer en onze alom bekende opiniërende commentator FF-LL heeft nog een waslijst aan manco’ liggen in zijn persmappen over de lokale (politieke) verslaggeving.
Maar hij is geveld fysiek ietwat geveld.

Andere stukjes van de redactieleden gaan gewoon door.
BLIJF KIJKEN !



Een ongeziene journalistieke stunt in de Kortrijkse pers (2)

We hebben het dus nog altijd over dat stuk van Peter Lanssens (lps) in het regionale katern van zijn gazet HLN (d.d. 29 januari) waarin hij over een volle pagina beschrijft met welke wegenwerven schepen Axel Weydt (van “Vooruit” met de SP.A) zich onledig houdt.
Hij vernoemt daarbij 8 eerder grote werken: de heraanleg van de Steenstraat, de bovenaanleg van de stationsomgeving, de aanleg van afgescheiden fietspaden langs de N43, de bouw van de nieuwe tunnels aan de rotonde Panorama, de heraanleg van de Driekerkenstraat, de bouw van de Stationsparking, de omvorming van de Groeningeparking tot park, de herinrichting van historische straatjes. Daarnaast heeft hij het nog over een aantal kleinere werken. Bij ieder project wordt ook nog de timing aangegeven en het geraamde budget.
Dat stuk is om meerdere redenen ongezien: journalistiek en inhoudelijk.
Waarom gaat het over een volle pagina heen dan nog over de werkzaamheden van specifiek één schepen? Waarom juist nu? Zal hij met een zelfde groot verhaal uitpakken over beleidsdomeinen van andere schepenen? (Ik heb zo’n vermoeden dat bijv. liberale schepen Wout Maddens – bevoegd voor zowat alles dat met wonen en stadsvernieuwingsprojecten heeft te maken – geneigd was om bloed te spuwen toen hij kennis nam van dat levensgroot, uiteindelijk vleiend stuk over zijn concullega.)

Maar over dit soort praktische vraagjes willen we het vandaag niet hebben.
We willen aan de hand van dat stuk van (lps) maar weer eens de betreurenswaardige kwaliteit aantonen van onze plaatselijke politieke verslaggeving.
En zeggen al meteen dat het stuk van Peter Lanssens een uitstekend representatief exempel is van het feit dat onze regionale pers absoluut getuigt van een volstrekte ONPROFESSIONALITEIT.
Wie of wat getuigt dan wel van professionaliteit? zult u nu zeggen. Hoe herkent men professionaliteit in de journalistiek?
We gebruiken daarvoor een schitterende boutade van een Amerikaans professor communicatie, – die we overigens en helaas niet kennen.
Wat doet een goede journalist als een persoon A (bijv. een politicus van de meerderheid) zegt dat buiten de zon schijnt? En een andere persoon B (bijv. van de minderheid) zegt dat het buiten regent?
Antwoord van de prof: “Een professionele journalist gaat ZELF buiten kijken.”

Prachtig !

Wel, dat is iets wat onze plaatselijke (politieke) persjongens nooit ofte nooit doen: ZELF op zoek gaan naar de juiste toedracht van de feiten. Zelf thema’s op tafel gooien. Gewoon: de dossiers lezen zodat men de juiste vragen kan stellen.
Onze persjongens hebben van zichzelf al een hoge deontologische dunk als zij het principe van “woord en wederwoord” toepassen. Al op gelet? De hierboven geciteerde Amerikaanse prof heeft het niet eens over het hanteren van “woord tegenover wederwoord”. Een goede journalist doet aan wat ik zou noemen: “zelfvinding” (Al opgemerkt? In onze kwaliteitsvolle nationale pers hebben politieke – professionele – commentatoren er geen nood aan om tegensprekelijke stemmen steevast aan het woord te laten. Zij zijn op zichzelf al de deskundige antagonist. Boud gezegd: zijn weten het heus zelf wel. )

Terug naar ons exempel: het stuk van Peter Lanssens over de wegenweken van schepen Weydts.
Het stuk is dus onprofessioneel.
Niet omdat hij geen oppositiestem aan het woord laat. (Hier zeker niet!)
Wel omdat (lps) het dossier niet kent en zijn stuk niet echt zelf gemaakt heeft. Het is hem door het kabinet-Weydts op de schoot geworpen, of beter: op zijn PC.
Men merkt dat aan verscheidene kleine dingen.

(Wordt vervolgd…)




Een ongeziene journalistieke stunt in de Kortrijkse pers (1)

Gisteren hebben we u op een eerder populistische manier naar onze elektronische krant gelokt met een clikbait waarbij we beloofden om alleszins vandaag voor de zoveelste keer de kwalitatieve maat te meten van onze Kortrijkse plaatselijk pers. We mogen dat niet meer doen. Zullen vandaag immers niet klaar komen met ons beloofde verhaal. We zijn het wel aan onszelf en aan onze trouwe lezers verplicht om toch maar te vertellen waarover het gaat, of zal gaan.
Wat dacht je?
Over het regionale katern “Kortrijk-Ieper” van “Het Laatste Nieuws” natuurlijk en de gerenommeerde persjongen van die gazet, ons aller Peter Lanssens. Die persjongen met zijn “scherpe pen”, zoals hij zichzelf wel eens complimenteert.
Peter (=lps) ontpopt zich de laatste maanden als een ware specialist in de lokale horeca. Zelfs de opening (of sluiting) van een kappers- of bakkerszaak ontgaat hem niet.
Over de Kortrijkse politiek heeft hij het bijwijlen nog wel een keer, maar dan enkel als een of andere schepen of kabinetsmedewerker hem iets toefluistert. (lps) blijft aldus nog altijd de de trouwe woordvoerder van de alhier heersende tripartite. (We bestempelen zijn krant soms als het Kortrijks Staatsblad.)
Wat hij evenwel inzake politieke verslaggeving nog nooit gedaan heeft, dat is een hele, volle pagina (waarlijk!) wijden aan de werkzaamheden van één politicus, met name onze meest bloedrode sos– schepen Axel Weydts, bevoegd voor mobiliteit en openbare werken.
Het stuk van (lps) – verschenen op zaterdag 29 januari , pag. 39 – bij de sportbladzijden – handelt dan ook uitvoerig over een aantal eerder grote (8 in aantal) en kleinere werven (pleintjes, trage wegen, voetpaden) die schepen Weydts nog dit jaar 2022 wenst te verwezenlijken. Daarbij worden ook budgetten vermeld.
Nu moet u weten dat journalist Peter Lanssens een ware hekel heeft aan alles wat te maken heeft met gemeentefinanciën. Hij is pertinent van mening dat de lezers (de zijne?) daar helemaal niet zijn in geïnteresseerd. (Als begrotingen of jaarrekeningen ter sprake komen in de gemeenteraad zag ik hem indertijd terstond naar buiten lopen.)

We hebben dus een en ander te vertellen over zijn stuk en vooral over de journalistieke en deontologische aanpak ervan.
Morgen? – als god het belieft…

P.S.
In een voetnoot onder het artikel verwijst men voor nog meer informatie over de werven van schepen Weydts naar www.hln.be/werken-kortrijk. Wie die link aantikt krijgt te lezen dat die niet te vinden is, of niet (meer) bestaat…

Oplage van stadblog “kortrijkwatcher” in één jaar verdubbeld

We begrijpen er helemaal niets van.
Op dit moment (ca. 18u30) tellen we voor dit jaar 81.776 bezoekers en 299.643 bezoeken.
Vorig jaar had telden we “slechts” 39.544 bezoekers en 178.521 bezoeken.
De content van deze elektronische krant is nochtans even saai gebleven als van oudsher en is geenszins opgesmukt met veel foto’s of andere gadgets.

Kortrijkwatchter bestaat sinds 5 januari 2005 en was wel degelijk de eerste stadblog in Vlaanderen, – misschien zelfs in heel het land…. (Communicatiewetenschappers beweren nog steeds dat de (pretentieuze) “Gent Blogt” de eerste was. Die blog hield het tien jaar vol.)
De bloeitijd van de stadsblogs (burgerjournalistiek) is alleszins voorbij. Die dateert zowat van de jaren 2008-2010.
(Onze redactie kreeg zelf studenten op bezoek die er een paper zouden over maken.)
We hebben het nog meegemaakt dat er in Kortrijk vier of vijf blogs bestonden. Interessant waren alleszins “Kortrijk links bekeken” (met de satirische tegenhanger: “Kortrijk scheef bekeken”) en “perongeluck”.
Bestaan er eigenlijk nog stadblogs met politieke (in de brede zin) berichtgeving?
Wij doen voort.
Superdeboer!

Naar een foto van de nieuwe telpaal voor fietsen, samen met schepen Axel Weydts?

We denken van niet en proberen deze gewaagde voorspelling hier ietwat hard te maken.
Net als zijn bewegingsgenoten (van de beweging “Vooruit met de SP.A”) komt de schepen van mobiliteit (sommigen zeggen: velo’s) dolgraag in de pers. Zo kreeg hij bijv. in alle kranten (tot “De Standaard” toe) en WTV van december 2017 volle publiciteit met foto en film omdat er in de Budastraat een fiets-telpaal werd geplaatst. Over de prijs ervan werd niet gerept maar het ging om zoiets als 25.000 euro. Later zijn we via de pers door de schepen met cijfergegevens om de oren geslagen over het (stijgend) aantal getelde fietsers aldaar. In 2019 bijv. 1.100.160 passanten op twee wielen.
In december 2020 is de paal per ongeluk aangereden, maar schepen Weydts vond dat eigenlijk niet zo erg want de paal stond gewoon een beetje schuin en de software (de teller) werkte nog. De zaak was dus herstelbaar en dat zou spoedig gebeuren. (“Het Laatste Nieuws” van 4 december 2020.)
Maar bij een vraag van raadslid Carmen Ryheul (Vlaams Belang) in de gemeenteraad van januari 2021 bleek dat de fietstelpaal toch onherstelbaar was beschadigd. Op advies van de leverancier van de paal (de firma Krycer) werd de nog functionerende teller uitgeschakeld want de behuizing was zodanig stuk dat door insijpeling van water een kortsluiting mogelijk was.
Raadslid Ryheul was nog zo driest dat ze ook nog durfde vragen naar de bestelbon voor een nieuwe zgn. ‘ECO-totempaal’ om zodoende inzicht te krijgen in de kostprijs ervan. Dat heeft ze onlangs gekregen. Prijs inclusief btw: 36.287,90 euro.
Het Vlaams Belang liet daarover op 1 juni een persbericht verschijnen. Geen enkele krant of audio-visueel medium heeft dit bericht opgenomen. Embedded press…
Dat is een reden waarom we denken dat bij de plaatsing van de nieuwe paal onze schepen Weydts zich wat zal schuilhouden. Gedeisd. Want dan moet hij (en de pers) wel inzicht geven in de prijs ervan en kan de pers (ja?) die praktisch onmogelijk niet vergelijken met de aankooprijs van de eerste paal. Ten tweede moet de schepen dan uitleggen of zijn bewering (in HLN van 12 januari) wel klopt dat de nieuwe paal totaal niks zal kosten aan stad, vanwege het ingediende verzekeringsdossier. Onze vraag is of de verzekering van de aanrijder wel bereid zal zijn om 37.000 euro uit te keren, wetende dat de originele telpaal “slechts” 25.000 euro kostte. (En dat de teller nog werkte…)

P.S.
Wat is de nu de meerwaarde van een peperdure nieuwe paal aldaar voor een mogelijke aanpassing van fietsbeleid? Er bestaan ook mobiele (rubberen) slangentellers?


Geen enkel recht voorbehouden !

Alles uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd, opgeslagen in een geautomatiseerd bestand, of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of op enige andere manier. Voorafgaande schriftelijke toestemming van de hoofdredacteur en/of een of andere medewerker is niet vereist. Noch van de aandeelhouders. Een bronvermelding is soms wel geapprecieerd.
De redactie heeft er anderzijds naar gestreefd alle copyrights van de in deze stadskrant opgenomen teksten of illustraties van anderen te achterhalen. Aan hen die desondanks menen alsnog rechten te kunnen doen gelden worden verzocht contact op te nemen met onze redactie.

Iets over het belabberd interview met Kortrijks burgemeester op Canvas (2)

Vorige donderdag 15 maart liep er op de VRT een reportage over politionele camerabeveiliging op openbaar domein, met focus op de mogelijke aantasting van onze privacy. Vandaar ook de titel: “Privacy & ik”. (Er komt nog een tweede deel dat wil nagaan in hoeverre men ons ‘gaan en staan’ én vertier én afkomst in winkels en straten in de gaten houdt, via het gebruik van onze mobiele telefoon. In Kortrijk betaalde stad aan Proximus daar vorig jaar al 30.000 euro voor.)
Aangezien de straten van Kortrijk en deelgemeenten onder impuls van (nu titelvoerend) burgemeester Vincent Van Quickenborne over de jaren heen (en in de toekomst nog steeds) werkelijk bezaaid worden met camera’s van allerlei slag, en stad Kortrijk op dit gebied samen met Mechelen trendy-koplopers zijn, sprak het vanzelf dat de makers van de documentaire maar al te graag meer speciaal de verantwoordelijke burgemeesters van beide steden fysiek bij het programma wilden betrekken.
Met Bart Somers (ook met een dubbel-functie) had men blijkbaar geen problemen.
Maar het contact met Van Quickenborne liep van geen leien dak.
Na aanvankelijke toe- en afzeggingen voor een mondelinge afspraak met presentator Tim Verheyden weigerde Quickie uiteindelijk elk interview. Met als drogreden dat hij nu Minister van Justitie is en de materie derhalve eerder toekomt aan een Minister van Binnenlandse Zaken. Van Quickenborne is nu wel iemand die – als het hem goed uitkomt – in de media absoluut niet nalaat om te benadrukken dat hij nog altijd DE burgemeester is van stad Kortrijk. (En die zich als Minister van Justitie intussen federaal gevaarlijk dicht op het terrein van Binnenlandse Zaken waagt. Daar komt nog boel van.)
De waarheid is dat hij als een heus ‘politiek beest’ terugschrok voor die reportage. Het feit is dat hij op voorhand wel goed aanvoelde en voorzag dat hij zou geconfronteerd worden met een spervuur van zeer ongemakkelijke vragen. Over de proportionaliteit en effectiviteit van zijn steeds maar aangroeiend cameranetwerk. Over de gigantische kosten. Over oneigenlijk gebruik van ANPR-camera’s. Over de rol van Securitas (burgers). Over preventieve en repressieve resultaten, enzovoort.
Vandaar dat hij het karwei waarmee hij nu een keer niets had bij te winnen het liefst overliet aan zijn plaatsvervangend burgemeester, Ruth Vandenberghe. Het schaap…
Het is deze politieke gang van zaken die ons hier interesseert.

We laten daarom hier en nu in deze bijdrage met opzet de problematiek van de (politionele) cameratechnologie geheel achterwege omdat de reportage een onverwachte (ongewilde) openbaring opleverde over het gebrekkige politieke reilen en zeilen van het bestuur in deze centrumstad.
Alleen al het feit dat Van Quickenborne voor een televisieprogramma vaandelvlucht pleegt, dat is voor al wie hem een beetje kent totaal opzienbarend. Zoals gezegd is hij de grote instigator van het cameranetwerk in onze stad. Na zijn aantreden in 2013 met de nieuwe coalitie zijn er binnen de kortste keren in één jaar tijd 28 camera’s geplaatst. En met zijn nieuwe bestuursakkoord van 2019 (“Kortrijk, Beste Stad van Vlaanderen”) is het hek helemaal van de dam. Onder zijn bewind is al meer dan één miljoen euro gespendeerd aan die surveillance, en zijn meerjarenplan voorziet voor vijf jaar nog 2,5 miljoen. We zitten nu al aan 1 camera per 328 inwoners.
Over dit alles en de resultaten ervan wenst Quickie dus landelijk geen publieke verantwoording af te leggen. (Kortrijkse raadsleden zijn dit al gewoon en zijn al jaren in slaap gewiegd.)
Dit is evenwel al een eerste politiek feit zonder weerga. Dat hij dan maar ontslag neemt als titelvoerend burgemeester. (Er is heus meer voor hem weggelegd.)

Een tweede belangrijk, concreet politiek gegeven uit de TV-uitzending leerde ons nog iets opzienbarend, met name over de bestuurskracht van onze Kortrijkse administratie. De presentator van het programma “Privacy & ik” vertelde ter info dat hij in totaal – en na aandringen, in drie fasen – acht (8) maanden heeft moeten wachten op vragen en antwoorden naar enige deftige, schriftelijke informatie over het Kortrijkse cameranetwerk.
De hete aardappel werd doorgeschoven naar plaatsvervangend burgemeester Ruth Vandenberghe. Dat is uitgedraaid op een catastrofe.
Derde politiek feit. Ook Ruth VDB weigerde aanvankelijk tactisch geheel laconiek om mee werken aan het programma. Met als onvergetelijk – maar wel geloofwaardig argument – dat zij niet wist waarover zij inzake deze materie iets accuraat zou kunnen vertellen.
Uiteindelijk wilde Ruthie (koosnaampje) op de valreep wél een interview toestaan. In de uitzending zelf verontschuldigde zij zich voor haar aanvankelijke weigering, ditmaal met het ONgeloofwaardige argument dat zij het vanwege al die corona-beslommeringen véél te druk had.
Dat is dan een vierde politiek feit, geleerd uit de uitzending : onze nieuwe burgemeester durft ook een leugentje ten beste geven. Want in werkelijkheid wist zij natuurlijk over geheel die cameratechnologie geen snars, en heeft men haar op het laatste nippertje met wat (nieuwe) documentatie nog ietwat kunnen klaarstomen voor het interview.
Ach ja. Ruthie en haar omgeving (de veiligheidsadviseur) zagen op de duur wel in dat stad Kortrijk zich geheel belachelijk zou maken indien men (als enige stad) bleef weigeren om aan het programma mee te werken.
Zij heeft dat eigenlijk ook min of meer bekend. Op een bepaald ogenblik vraagt presentator Tim Verheyden (niet zonder enige ironie) waarom het stadsbestuur eerst het perspectief op een mogelijk TV-programma nodig heeft om pas daarna met een soort visie-nota en cijfermateriaal op de proppen te komen. Jamaar-ja, zei Ruthie: de nodige data waren er wel hoor, maar ze moesten nog ietwat geordend geregistreerd. Maar goed, zij geeft het toe: het is een werkpunt voor het stadsbestuur. (Men is intussen wel “in vijfde versnelling” gekomen”.)
Dat werkpunt is dan te beschouwen als een vijfde politiek feit: het bestaan van een slordige, trage administratie.

In het TV- interview met Ruth Vandenberghe – dat men wel degelijk kan beschouwen als een vuurproef in haar politieke loopbaan – is er nog een bijzondere passage geweest waarbij onze eigenste “cerebrale” pijngrens ernstig werd overschreden. We zullen dit maar niet als een politiek, maar wel als een puur persoonlijk feit bestempelen.
Ruth beweerde dat camera’s wel degelijk een soort schrikeffect teweegbrengen. Zij is er heilig van overtuigd dat mensen (en dan zeker wie iets in het schild voert) zich anders gaan gedragen in de nabijheid van veiligheidscamera’s.
Presentator Tim Verheyden repliceerde daarop dat de wetenschappelijke studies hieromtrent dit terdege tegenspreken. Waarop Ruth zomaar antwoordt: “Dan zeg ik dat uit eigen naam.” (Zij voelt zich als jonge vrouw veel veiliger in de winkelstraten met camera’s in de buurt.) We hebben in burgemeester Ruth nu een persoon leren kennen die de wetenschap in eigen naam én als jonge vrouw tegenspreekt! Dit slaat waarlijk een bres in ons cognitief welzijn.

Tenslotte gaf onze nieuwe burgemeester toch wel toe dat de effectiviteit van camera’s niet precies (“één op één”) te meten valt. Maar het draagvlak bij de bevolking is groot. Dat maakt haar blij.
Tja, Wat moeten we daarmee nu aanvangen? Nog meer camera’s??