Category Archives: geschiedenis

Leopold II als poetsenbakker (2)

Koning Leopold II was weer eens voor de zoveelste keer afwezig geweest in Brussel en zo rond begin van de jaren 1900 begonnen ministers van de regering De Smet de Naeyer dat echt beu te worden. Men durfde zelfs te eisen dat hij minimaal vier dagen per week zou aanwezig te zijn in de hoofdstad van zijn koninkrijk. Dit tot groot ongenoegen van L<II>.
Hij liet dan ook geen gelegenheid voorbijgaan om de politici een flinke poets te bakken.
Dat ondervond bijvoorbeeld de Kortrijkzaan Julien Liebaert, minister van Spoorwegen in de jaren 1899-1907.
En dit vertelt Johan Op de Beeck in zijn magistraal werk gewijd aan “Leopold II” op de pagina’s 649-651 (we parafraseren de auteur ietwat):

Leopold kwam weer eens na enig absenteïsme met zijn koninklijke trein terug uit Parijs en had daarbij heel lang moeten wachten voordat hij het Brusselse Zuidstation had kunnen binnenrijden. Daar zou minister van spoorwegen Liebaert voor boeten.
Alreeds de volgende dag kreeg hij een telefoontje dat men hem voor een audiëntie in Laken per auto zou komen ophalen in de Wetstraat.
Liebaert was hiermee zeer verguld. Nog meer toen hij na het (onschuldige) onderhoud tot zijn groot genoegen zag dat hij teruggebracht zou worden in de spectaculaire auto van het koninklijke wagenpark. Een Mercedes Simplex, een crèmekleurig monster met goudkleurige koplampen en gecapitonneerde fauteuils van rood leer. Trots als een pauw, door voorbijgangers bewonderd nagekeken, reed Liebaert Brussel binnen. Maar uitgerekend in de Paleizenstraat ging het mis. Panne! De wagen viel stil. In een oogwenk werd het gevaarte omringd door een volkstoeloop. Gegeneerd moest de minister wel uitstappen. Daarbij moest hij onder hoongelach van de omstanders navragen waar de dichtstbijzijnde tramhalte was.

De panne was doorgestoken kaart.
De chauffeur had van Leopold opdracht gekregen om met een quasi lege benzinetank weg te rijden uit Laken.
Bij een volgende gelegenheid dat ze elkaar opnieuw ontmoeten maakte de vorst daar geen geheim van en kreeg de minister de les om het spoorverkeer voortaan wat stipter te laten rijden. “Eh bien, nu weet u eens hoe het voelt om pech te krijgen,” kreeg Liebaert (in het Frans) te horen.
Leopold, de poetsenbakker !

P.S.
De dikke nek van de Kortrijkzaan Liebaert ging verscholen onder geweldig grote bakkebaarden.

Leopold II, de poetsenbakker (1)

Wie had dat gedacht, dat de wereldbekende koning niet enkel vileine trekken had, maar ook grappen kon uithalen.
In het recent verschenen vuistdikke boek “Leopold II” vertelt Johan Op de Beeck op de pag. 649-651 een verhaaltje dat een Kortrijkzaan misschien wat kan bekoren.
In Kortrijk is er namelijk een Julien Liebaertlaan en Julien speelt een slachtofferrol in de grappige anekdote. Julien was vele jaren geleden een volksvertegenwoordiger voor het arrondissement Kortrijk, verder nog senator, minister van State, en kreeg zelfs – net voor zijn dood – de erfelijke adeltitel van baron.
In de jaren 1899-1907 was hij in de regering De Smet de Naeyer minister van Posterijen, Spoorwegen en Telegrafie, en het is in die rol dat hij fungeert in de poetsenbakkerij van Leopold.
We vertellen hier het verhaaltje ook nog omdat er in Kortrijk (Heule) een straat is vernoemd naar de beroemde en beruchte koning die ons land volgens de royalisten Congo-Vrijstaat heeft “geschonken”. De straatnaam wordt straks overigens gewijzigd in Rosa Laperestraat.
Dit ter inleiding en ter motivering van de publicatie alhier van de practical joke .

Zie onze volgende editie.
Komt er nog vandaag aan.

Stoelendans in Kortrijkse gemeenteraad zonder enig medeleven van de SP.A-fractie

Eerst wat geschiedschrijving voor de niet-Kortrijkse lezers van deze elektronische stadskrant.
Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2012 was de VLD de tweede partij na de CD&V. Desondanks werd de VLD-lijsttrekker Vincent Van Quickenborne (V.VQ.) in 2013 burgemeester en zette hij Stefaan De Clerck buiten spel door een coalitie te vormen met de SP.A en…de N-VA. Bij de lokale verkiezingen van 2018 herhaalde hij zijn stunt door de overwinning van zijn kiesvereniging genaamd “Team Burgermeester”, en vormde hij opnieuw een tripartite met de andere partijen van de vorige bestuursperiode.
Let wel. V.VQ. beloofde toen zijn kiezers heel stellig dan hij tot het eind van de bestuursperiode (2024) burgemeester van Kortrijk zou blijven. Op 1 oktober laatsleden schopte hij dan toch tot vice-premier, minister van Justitie en de Noordzee (om Tommelein te koeioneren) in de vivaldi-regering van Alexander De Croo. (Quickie wou eigenlijk Binnenlandse Zaken krijgen maar koos eieren voor zijn geld.)
Bon. Tot daar.

Zijn woordbreuk bracht mee dat V.VQ. “wettelijk verhinderd is” (zo zegt men dat in het jargon) om nog langer Kortrijks burgemeester te blijven.
De gemeenteraad van 12 oktober nam daar gedwee akte van en kon op de valreep (op dezelfde dag!) nog net vernemen dat schepen Ruth Vandenberghe (van de kiesvereniging Team Burgemeester) benoemd was als waarnemend burgemeester. Eerste stoelendans. Tweede: schepen Ruth moest dus vervangen worden. Dat werd raadslid Stephanie Demeyer. Van het Team.
Maar intussen had Tiene Castelein al laten weten dat zij – wegens te veel werk als moeder en juriste – geen voorzitter van de gemeenteraad meer kon blijven, maar wel nog raadslid. (Alsof dit dan minder werk vraagt in een centrumstad als Kortrijk. Nog dit: ook V.VQ. blijft raadslid.)
Tiene werd vervangen door ene Helga Kints. Ook van het Team.

Al die vervangingen werden besproken (nou ja…) in de gemeenteraad van 12 oktober. Vanwege corona ging die “zitting” virtueel door, maar kon auditief gevolgd op de website van stad. Sprekers kwamen wel visueel (in ultra-klein formaat) aan het woord.
Bij iedere stoelendans was er telkens een fractieleider die met graagte tussenkwam. Meestal met felicitaties en beste wensen voor de toekomst. (Er is in de Kortrijkse gemeenteraad eigenlijk geen oppositie meer, tenzij die van het Vlaams Belang.)

Bij de aanstelling van Helga Kints, de nieuwe raadsvoorzitter, traden er drie fractieleiders op om haar te feliciteren: Hannelore Vanhoenacker (CD&V), Wouter Vermeersch (VB) en Matti Vandemaele (Groen). Van de drie besturende fracties toen: niemand!

Bij het punt “verhindering van de burgemeester” hoorden we wel nog de andere fractieleiders van de tripartite, die van de N-VA (Philippe Dejaegher) en die van het Team Burgemeester (Wouter Allijns). Banaliteiten.
Maar al die tijd was Nawal Maghroud, SP.A-fractieleidster in geen velden of wegen te bekennen. Op het scherm waren zelfs haar initialen N.M niet te zien.
Was ze niet thuis? Dan geen zitpenning hoor!

Had dat stilzwijgen politiek iets te betekenen? Is de SP.A-fractie niet geheel tevreden of niet gelukkig met bepaalde wissels? Allemaal binnen het Team. Wou men V.VQ. niet feliciteren met zijn woordbreuk?
Of had fractieleidster N.M. gewoon niet de technische kennis om deel te nemen aan het digitale, virtuele debat? Zou ook nog kunnen…Maar dan nog dringt zich toch de vraag op waarom bijv. M.V., zijnde bekwaam SP.A-raadslid en parlementariër Marnix Veys, haar niet redde uit de nood. In gewone, fysieke raadszittingen doet hij dat toch ook, als Nawal Maghroud weer eens niets te vertellen heeft?



Redactionele mededeling i.v.m. wettelijke vervanging van burgemeester Van Quickenborne door Ruthie

We moeten onze voorgenomen trilogie over de kennis van V.VQ van de overtuigingsmiddelen uit de “Ars Rhetorica” even haastig onderbreken. Zoals u weet had Quickie volop de kennis van de logos, de ethos en de pathos, door Aristoteles uiteengezet, nodig om zijn vlucht uit het provinciestadje Kortrijk naar het federale niveau goed te praten.
Maar nu zijn vervangend burgemeester Ruth Vandenberghe (bijgenaamd ‘Ruthie’) morgen 12 oktober voor het eerst zou kunnen optreden als dusdanig in de gemeenteraad en daarbij ook alreeds in de lokale editie “Het Laatste Nieuws” (bijgenaamd ‘het Kortrijks Staatsblad’) dd. 10 oktober haar diepste zielenroerselen kenbaar maakte (dit is politiek gezien zeer ongewoon!), ziet de redactie van Kortrijkwatcher zich nu wel genoodzaakt om in te aan op dit ‘pushbericht’ uit onze meest concurrentiële gazet. We moeten toch onze losse verkoop op peil houden!

Minister Vincent Van Quickenborne past de regels uit “Ars Rhetorica” toe: de logos (1)

Redactionele mededeling vooraf
Om zijn lange naam niet telkens opnieuw te moeten uitschrijven maken we er een eigen afkorting van : V.VQ. En als we het ons permitteren om wat gemeenzamer te zijn, noemen we hem gewoon Q of Quickie. Maar zijn bijnaam is wel ASAP
hoor.

Niet-Kortrijkzanen zijn hier waarschijnlijk weinig van op de hoogte, maar V.VQ heeft er zich – zowel bij de gemeenteraadsverkiezingen (2018) als bij de federale (Kamer)verkiezingen (2019) – plechtig toe verbonden om de gehele bestuursperiode uit te zitten als burgemeester van zijn geliefde centrumstad Kortrijk. In de tussentijd werd hij Kamerlid en zelfs VLD-fractieleider aldaar. Moet kunnen.
Door nu als vice-premier en minister van Justitie toe te treden tot de regering- De Croo heeft hij die dure belofte verbroken en moest hij naar overtuigende retorische middelen zoeken om zijn woordbreuk of zelfs als “verraad” bestempeld gedrag enigszins aannemelijk te maken voor alle politiek geïnteresseerde burgers.
Hij heeft geprobeerd om die onwaarschijnlijk grote imago-schade in politieke geschoolde milieus althans te beperken met een schrijven en een videoboodschap aan zijn teerbeminde Kortrijkse burgers. (Nog moeilijk te vinden op internet.)

Een kernboodschap hierbij was de uitspraak: “De plicht roept”.
“Als de premier Alexander De Croo mij vraagt, kan ik niet weigeren. Ik kan niet aan de zijlijn blijven staan.” (In werkelijkheid heeft natuurlijk de VLD-voorzitter Egbert Lachaert hem naar voor geschoven.)
Justitie is volgens V.VQ een zeer moeilijk departement, maar er ligt een miljoen klaar voor de modernisering ervan. Dat heeft dus meegespeeld in zijn beslissing om er in Kortrijk de brui aan te geven. Hij hoopt te kunnen helpen om het land weer sterker te maken om België door de grootste crisis sinds WOII te loodsen.
Wie kan nu zo’n grootse, verheven taak weigeren? Het besturen van een provinciestadje als Kortrijk is hierbij vergeleken peanuts. Triviaal. “Uitzonderlijke tijden vragen om uitzonderlinge oplossingen.”
Het is duidelijk: Quickie offert zich op voor de goede zaak.

Dit soort inhoudelijke argumentatie om zijn overstap naar het federale niveau plausibel te maken zou Aristoteles in zijn werk “Ars Rhetorica” rangschikken als een overtuigingsmiddel behorend tot de categorie “LOGOS”. Men beroept zich hierbij op een logische redenering die iedere billijke (redelijke, bedaarde, wijze ) mens wel als vanzelf moet aanvaarden.

Quickie maakt gebruik van nog een andere truc uit de retorische foor, weerom als een redelijk beschouwd overtuigingsmiddel, ook behorend tot de zgn. categorie “logos” van Aristoteles..
Hij zegt: “Ik ben niet weg.”
“De Kortrijkzanen kunnen op mij blijven rekenen. Ik kan ook in Brussel veel voor Kortrijk betekenen. Van een nieuw treinstation tot een nieuw voetbalstadion: ik zal zorg blijven dragen voor grote Kortrijkse dossiers.”
Tja, wat moet men daar nu van denken? Als men van enig politiek bewustzijn blijk heeft?
Ten eerste is de bouw van een sportstadion absoluut geen federale materie. Ten tweede zal hij voor dat nieuwe station zowel de minister van mobiliteit (Ecolo) als die van overheidsbedrijven (Groen) als de staatssecretaris van begroting (dat is wél zijn poulain) moeten overtuigen. En het Bestuur van de NMBS moet er geld voor over hebben!

Maar Quickie is toch een jurist?
Hij behoort te weten dat zijn betoog in deze zaak gewoon politiek amoreel is. Ja!
Een minister staat voor het algemeen belang, voor ‘s lands belang zeg maar, en moet zich niet specifiek preoccuperen met puur plaatselijke besognes.
Kijk. Uit nieuwsgierigheid hebben we een keer de agenda van alle federale ministerraden van dit jaar bekeken. 33 in het totaal, gaande van 10 januari tot en met 25 september. Wilden namelijk weten in hoeverre federale ministers zich wekelijks onledig houden met gemeentelijk beleid. Daarover vergaderen.
Ja, we vonden enkele besluiten die onrechtstreeks – maar dan wel in het algemeen – gemeentelijke financiën kunnen beïnvloeden. Subsidies of toelagen voor politie, hulpverleningszones. Nu Covid-19 steunmaatregelen. En natuurlijk dossiers van de Regie der (federale) Gebouwen (de gevangenis van Dendermonde bijvoorbeeld).
Quickie weet dat er bij de zesde staatshervorming een enorm lange lijst van overdrachten van bevoegdheden van de federale staat naar de gemeenschappen en gewesten is geschied: gezinsbijslag, gezondheidszorg, arbeidsmarkt, verkeersveiligheid, de huurwet, de justitiehuizen (!), jeugdsanctierecht (!), sociale economie, grootstedenbeleid (!), rampenfonds, enz.
Positief voorstel. Alweer.
In de komende Kortrijkse gemeenteraden kan V.VQ als raadslid voor de volgende vier jaar maandelijks komen vertellen wat hij als minister heeft gedaan gekregen voor zijn beminde Kortrijk. Dat is dus afgesproken!

P.S.
We moeten het in volgende edities nog hebben van de ‘ethos’ en de ‘pathos’ die V.VQ hanteerde bij zijn afscheid als burgervader van Kortrijk
.








Kortrijk: de enige centrumstad met drie burgemeesters

Hoezo? Drie?
Welja, minister Vincent Van Quickenborne blijft titelvoerend burgemeester én gemeenteraadslid. Zijn ADHD-achtige dadendrang, waarbij alles ASAP moet gebeuren, brengt mee dat hij zich ook continu zal bemoeien met het Kortrijkse beleid. Het zou ons totaal niet verbazen dat hij zelfs een medewerker van zijn Brussels kabinet de opdracht geeft om Kortrijkse dossiers voor hem op te volgen. (Zijn politiek moraliteitsbesef is tot nul te herleiden.)
En de waarnemend burgemeester, de nieuwe gemeenteraadsvoorzitter, de fractieleider van zijn kiesvereniging “Team Burgemeester” mogen zich dag en nacht verwachten aan telefoons en mails van zijnentwege, eindigend met de uitroep ASAP.
De vraag dient ook nog gesteld in hoeverre de waarnemend burgemeester haar eigen kabinet zal mogen samenstellen.

Voormalig schepen Ruth Vandenberghe wordt dus waarnemend burgemeester. Zij mag zich blijven bezig houden met peuken, containerparken en inwonersbevragingen. Kranten schrijven dat schepen Wout Maddens helemaal niet jaloers is dat hij voor de volgende vier jaar niet is aangeduid als waarnemend burgemeester. Dat is om te lachen?
Iedereen weet toch dat Maddens (met zijn machtige bevoegdheden, zijn mandaten en ervaringen) de vaste partner is van Ruth, waarnemend burgemeester? Waarover zal dit paar het hele dagen én zelfs nachten onder mekaar hebben, denkt u? Toch over de Kortrijkse politiek?
Vandaar dat we zeggen dat Kortrijk nog een derde burgemeester heeft: de genoemde Wout Maddens. En dat is niet om te lachen, Wout kennende.

Quickie heeft dus woordbreuk gepleegd.
Tot tweemaal toe heeft hij plechtig en openbaar verklaard dat hij tot het eind van de legislatuur zou burgemeester blijven. Die belofte was zelfs een belangrijk argument in zijn kiescampagne. Hij zou geen “verraad” plegen zoals Stefaan De Clerck (die tussen haakjes zo geen belofte ter zake deed). Intussen werd Vincent wél federaal parlementslid en daarenboven VLD-fractieleider in de Kamer. Taken die nauwelijks zijn te combineren met het burgemeesterschap van een centrumstad.
Woordbreuken zijn in de politiek schering en inslag. In het gewone leven kunnen ze leiden tot rechtszaken of tot vechtpartijen en moorden.
Voor Quickie zal de woordbreuk (soort ambtsmisdrijf eigenlijk) praktisch zeker tot gevolg hebben dat hij zich bij de volgende gemeenteraadsverkiezingen van 2024 niet meer kan laten uitroepen tot lijsttrekker én kandidaat-burgemeester.
Maar geen nood. Dat is ingecalculeerd. We hebben het sterke vermoeden dat er al geruime tijd binnenskamers is beslist dat Ruth Vandenberghe in 2024 de lijsttrekker zal worden van de volgende kiesvereniging. Ruth is nu goed gelanceerd.
De woordbeuk van Quickie wordt dan omgezet in een regelrechte vaandelvlucht…

P.S.
Bij zijn “afscheid” heeft Van Quickenborne zich met een open brief en een plechtige toespraak gericht tot de Kortrijkse bevolking. In een volgend stuk gaan we na in hoeverre hij de middelen van overtuigingskracht heeft aangewend zoals die door Aristoteles zijn beschreven.: de ethos, de pathos en de logos.
En, is het hem ietwat gelukt?

Voortdoen ! (2)

Zoals in onze editie van gisteren verteld, kennen we nu dankzij de eerste semesterrapportering de stand van zaken van het gevoerde beleid per 30 juni 2020.
Zo ook een overzicht van de gedane uitgaven in het investeringsbudget.
Laten we het vandaag eens enkel daarover hebben, want de tripartite heeft met de welwillende hulp van de reguliere pers de mythe (de perceptie) geschapen van een waar en historisch ongezien investeringscollege te zijn.
1.
Hoe zag het oorspronkelijke investeringsbudget er uit voor het jaar 2020? (We hebben het hier uitsluitend over Stad, niet over het OCMW.)
Het initieel uitgavenbudget bedroeg 61.781.987 euro.
Men heeft daar intussen de overdracht van overschotten uit de jaarrekening 2019 (dus van vorig jaar niet gerealiseerde projecten) aan toegevoegd en komen momenteel aldus aan een nieuw investeringsbudget van 70.867.804 euro.
2.
De vraag is nu hoeveel daar tot op de dag van 30 juni is van vastgelegd.
Dat wil zeggen: voor welke bedragen zijn er dan wel transacties ingeschreven in een budgettair dagboek voor één boekjaar, als gevolg van een al aangegane of voorgenomen verbintenis met een welbepaalde derde (een mogelijke aannemer bjjv., of een studiebureau, of een leverancier). Dat kan gebeuren met een bestelbon, of door een beslissing van het schepencollege of zelfs van de gemeenteraad.
Welnu, van dat nieuwe investeringsbudget 2020 van 70 mio en zoveel is in het eerste semester van dit jaar 18.347.474 euro vastgelegd. Ge moet dat een keer bepeinzen, als gewone mens of als ambtenaar. Dat is slechts 25,88% van wat je allemaal had bedacht om te doen, dus nog ver verwijderd van wat een ideaal (utopisch?) streefdoel zou moeten zijn, namelijk 50% of de helft van het budget. Nou ja.
Het stadsbestuur zoekt voor zichzelf troost (soelaas) voor deze uiterst geringe realisatiegraad.
Men merkt daarbij op dat de vastleggingen niet volledig zijn. De stad werkt sinds 2020 met nieuwe boekhoudsoftware en daardoor konden de gemaakte vastleggingen uit 2019 (nog) niet automatisch overgezet worden. (Eerlijk gezegd, we begrijpen dit niet.) Men raamt dit effect op 7,5 miljoen en komt zo aan een meer “reëel” vastleggingspercentage van ca. 36,5%. Bon, het is nog altijd geen 50%.
Stad zal moeten “voortdoen” in het volgende (nu lopende) halfjaar!
3.
Wat zijn nu de aanrekeningen of effectieve boekingen per 30 juni?
Welk bedrag aan facturen is er daadwerkelijk geboekt op het gepaste begrotingsartikel?
Haha! Een bedrag van welgeteld 9.318.899 euro of 13,14%. We zitten goed bij kas dus. Doe zo voort!

O ja!
We waren het bijna vergeten.
Stad heeft voor 2020 ook investeringstoelagen beloofd voor onder andere Fluvia, de kerkfabrieken, Kortrijk Voetbalt. Voor een bedrag van 3.2002.488 euro. Wat is daarvan in het eerste semester gerealiseerd? 558.355 euro oftewel 17,4%.

Een vergelijking met het eerste semester van vorig jaar is leerrijk.
Het vastleggingspercentage lag toen al op 60,5%.
Maar het aanrekeningspercentage was toen ook heel laag: 12,5% !

Hoe verklaart Stad nu het beduidend lage vastleggingspercentage?
U raadt het !
“Voor een stuk” zegt Stad is een en ander door corona uit te leggen en de bijgaande lock-down waarbij ook een deel van de bouwsector stillag. Tja. Vastleggingen zijn wél verbintenissen hé (plannen, projecten), die daarom absoluut niet onmiddellijk moeten uitgevoerd, zelfs niet binnen het boekjaar.
Corona of niet. Gedachten (voornemens) zijn vrij!

Overigens zijn er wel werken geweest met toch grote uitgaven (aanrekeningen van meer dan 500K): parking station (1,7 miljoen), vernieuwen straten (998K), centrum Warande (962K), investeringen in bestaand patrimonium (593K).

In de gemeenteraad van 14 september a.s. houdt VB-raadslid Wouter Vermeersch een uitgebreide interpellatie over de financiële impact van de coronacrisis.
Schepen van Financiën (Kelly Detavernier) en schepen van stadsontwikkeling (Wout Maddens) kunnen van de gelegenheid profiteren om een keer in detail op te lijsten welke investeringen er helaas niet konden doorgaan, uitsluitend door de schuld van Corona, en van niets, maar dan ook van totaal niets anders.
We vonden in het rapporteringsdocument op pag. 6 een merkwaardig, intrigerend zinnetje dat immers ook een en ander kan verklaren: “De capaciteit op vlak van projectleiders was ook nog in opbouw in het 1ste semester.”



Loopt dat onderzoek nog altijd?

Even ter herinnering.
De brand aan het nieuwe zwembad op Kortrijk Weide (toen nog in opbouw) die alle vijf glijbanen verwoestte en ook veel schade toebracht aan de toren dateert van dinsdag 26 februari 2019.
Binnenkort is er dus een jaar voorbij.
Indertijd en maanden geleden zei zwembad-manager Elewin Werbrouck dat de gerechtsexpert zijn tijd neemt om zijn werk grondig te doen, “want er zijn vele partijen bij betrokken” en er viel ook veel beeldmateriaal te bekijken. (Wie kon daar toen niet inkomen?)
Kan de reguliere pers nu niet een keer (bijv. tegen 26 februari aanstaande) navraag doen bij de bazen van Lago wat nu de stand van zaken is in het onderzoek? (Onderzoeksjournalistiek!)
En weet het stadsbestuur ook altijd nog nergens van? Onze schepen Arne?

P.S.
Stad heeft intussen een derde gedeeltelijk beschikbaarheidscertificaat verleend aan de N.V S&R van Leuven aangezien er een derde “gedeeltelijke voorlopige” oplevering is aanvaard en bekrachtigd. (Een derde. Gedeeltelijk).

“Het menselijk gelaat van Kortrijk” laten zien

Heus. Dat wisten we niet, dat een stad een “menselijk gelaat” kan hebben en dat men dat zelfs kan laten zien.
Het is raadslid Gheysens (van de kiesvereniging ‘Team Burgemeester’) die op de zitting van volgende maandag hieromtrent een voorstel (waarom noemt men dit een interpellatie?) zal indienen. Zij doet dit in de vorm van een opstelletje in de haar eigen, typisch moniekiaanse stijl.

Hoe wil zij ons allen dan wel “het menselijk gelaat van Kortrijk” laten zien?
Simpel. Door talloze levensgrote zwart-wit foto’s (geen kleur) te maken van allerlei Kortrijkzanen (ook inwijkelingen, niet gekleurd dus) en die dan op te hangen aan muren, afsluitingen, kaaien (de verlaagde?), fabrieken, containers. Tot die foto’s vergaan.
Moniek (“die tenslotte ook graficus en fotografe van opleiding is”) wil die “reuzefoto’s” zelf maken, met assistentie van dichter Lut de Block. Lut zal waarschijnlijk zorgen voor hier en daar een kleine toelichting (“al was het maar een woord”) bij die beelden van “Kortrijkzanen die je aankijken en je een inkijk geven in hun ziel“.
Raadslid Gheysens liet zich voor dit project inspireren door de documentaire film “Visages Villages” van Agnes Varda. “Maar wees gerust, ik ga geen geld vragen voor een film.” (Waarvoor dan wel?)

P.S.
– Kan een raadslid eigenlijk wel een voorstel doen om in opdracht van een stad zelf de leverancier te zijn van een werk?
– En moet het raadslid bij een eventuele stemming als betrokken partij de zaal (de zitting) niet verlaten?
– En, beste Moniek, we hebben toch beroepshalve een stadsfotografe in dienst?

Stadsbestuur houdt blijkbaar niet van pottenkijkers

De huidige tweede tripartite die stad Kortrijk en zijn bewoners weer moet ondergaan (met nu een meerderheidsteam van volstrekt onkundige en onwetende raadsleden – geen partij!) wil nog tijdens deze bestuursperiode van Kortrijk “de beste stad van Vlaanderen” maken. (In beperkte journalistieke middens, achter de schermen dan wel, nu enigszins ironisch afgekort als: onze BSD.)

Om die kinderachtige, bestuurskundig volstrekt onnozele doelstelling waar te maken heeft men voor het onderzoek uiteraard voor allerhande indicatoren vele metingen nodig, het liefst uitgevoerd door externe, onafhankelijke experten.
Maar stad houdt nu al voor de tweede maal dit jaar de boot af om huidige of toekomstige kijkers (observatoren) toe te laten.

(Niet te lezen in onze lokale pers.)

Nog onlangs vroeg het Agentschap Binnenlands Bestuur om voor de komende Stadsmonitor 2020 dan ook een onderzoek toe te laten naar de indicatoren in de deelgebieden van onze stad. Het schepencollege heeft dit geweigerd want meent al op voorhand dat zo’n survey weinig meerwaarde kan bieden en tevens nogal duur uitvalt.
Meer in het begin van dit jaar (we schreven daar al over) is men niet ingegaan op de vraag om een onderzoek te voeren naar verhuizingen van huishoudens naar andere gemeenten (stadsverlaters) en omgekeerd naar stadstoekomers uit andere gemeenten. Alweer op grond van enkele drogredenen. Stad zelf is van plan om over deze materie enig initiatief nemen, maar weet niet hoe...
Geen pottenkijkers dus!
Kortom: het stadsbestuur evalueert zichzelf en de lokale perse rapporteert daarna dociel trouwhartig.