Category Archives: burgemeester

Dreigde er die dag een heuse belegering van de stad Kortrijk? (2)

Het was de politie ter ore gekomen dat een stelletje rechtsextremisten op zondagavond 1 november een soort betoging (eerder manifestatie?) planden in de buurt van het Kortrijkse station.
Men besloot dan ook manhaftig om al vanaf de middag alle toegangswegen naar Kortrijk-centrum af te grendelen bij middel van controleposten, bemand door zowel lokale als federale politie. Jawel! Een volkomen ongezien en onconventioneel schouwspel. (Kent u alsnog een stad waar dat al is gebeurd ; naar aanleiding van een niet toegelaten, “spontane” en minuscule betoging?)

Er stellen zich vragen en bedenkingen bij al dit uiteindelijk lachwekkend machtsvertoon.
Nu is er maandag 9 november aanstaande gemeenteraad.
Zal de nieuwe voorzitter (Helga) het wagen om mogelijke vragen NIET door te verwijzen naar de volgende politieraad? Zij is er toch al wel politiekkundig van op de hoogte dat de bespreking van het veiligheidsbeleid tot de volle bevoegdheid van de gemeenteraad behoort? Dat men het in de politieraad enkel maar heeft over de organisatie en het beheer van het korps? (Begrotingen, aanbesteding, formatie en zo). Het is voor haar de vuurdoop: de kant kiezen van de burgemeester (dat is de uitvoerende macht!) of die van de controlerende gemeenteraad met zijn prerogatieven? (We hopen dat zij het tenminste tot een stemming zal laten komen. Dan wordt helemaal duidelijk hoe de politiek bewusteloze meerderheid – die tripartite – zijn eigen macht en bevoegdheden maar weer eens ondergraaft.)

Eerste vraag.
Hoe is de besluitvorming tot die ongehoorde actie in godsnaam tot stand gekomen? Dat zouden we wel eens willen weten zeg!
Iemand moet dan toch op dat waanzinnige idee zijn gekomen om een heel stadscentrum als het ware als een getto af te sluiten? We kunnen het ons praktisch niet voorstellen dat het plan op eigen houtje is ontsproten bij de kersverse waarnemend burgemeester Ruth Vandenberghe. Zou onze zgn. titelvoerend burgemeester Vincent Vanquickenborne er niet de hand in hebben gehad? Hij heeft er alleszins het lef voor.
Welke actoren namen deel aan de besluitvorming? Ministers, korpschefs, burgemeesters, ambtenaren, veiligheidsdiensten? En wie heeft dan persoonlijk uiteindelijk de knoop doorgehakt?

Een fundamentele vraag.
Om de federale politie te kunnen vorderen moet er wel voldaan zijn aan heel specifieke voorwaarden. Zie art. 43 van de WGP (in deze krant alreeds in een vorig stuk toegelicht).
De motivering van het (federale) politieoptreden van die omvang is door de burgemeester met twee argumenten gestaafd: de betoging was niet aangevraagd en dus niet toegelaten, en de samenscholing kon vanwege corona de gezondheid in gevaar brengen. Deze redenen voldoen niet aan de vereiste omstandigheden (criteria) om de federale politie op te roepen, opgesomd in het fameuze art. 43 van WGP.

– Is een (al of niet toegelaten) betoging van laat ons zeggen een 200-tal man (cfr. Puurs) een dermate ernstige bedreiging van de openbare orde dat het inroepen van de hulp van de federale politie viel te verantwoorden?
– Waren de middelen van de lokale politie onvoldoende om voor deze situatie de openbare orde te handhaven? Kon een relatief kleine politiemacht in de onmiddellijke stationsbuurt niet volstaan?
– Was het afsluiten van een heel stadsgedeelte wel in proportie met een mogelijk kwaadwillige samenscholing?
– Kan het misschien zo zijn dat de controle van de “invalswegen” eigenlijk eerder te maken had met het verijdelen van mogelijke tegenbetogingen of (gevaarlijke) tegenacties? Had men daar dan weet van?

Deontologische vraag.
Mag een politieagent vragen vanwaar men komt, waar men naartoe gaat en waarom?

Praktische vragen.
– Hoeveel korpsen en van welke zones werden ingezet? Aantal manschappen?
– Hoeveel manschappen van de federale politie werden er gevorderd?
– Om hoeveel manuren ging het in totaal (eventueel ook op vrijdag en zaterdag)?
– Hoeveel en welke voertuigen werden zoal ingezet?

Slotvraag.
Hoeveel heeft dat alles gekost en wie draait er voor al dat gedoe op?

De burgers van onze beste transparante stad van Vlaanderen dienen hierover alle mogelijke informatie te krijgen. Laat onze nieuwe burgemeester nu eens tonen dat zij politieke wetenschappen heeft gestudeerd. Of gewoon blijk geeft van ietwat fundamenteel politiek bewustzijn. Over wat een gemeenteraad is als opperste volksvertegenwoordiging.

Dreigde er op 1 november een belegering van stad Kortrijk? (1)

Wie vorige zondagmiddag en/of avond langs een of andere grote of kleine invalsweg probeerde het Kortrijks grondgebied binnen te rijden of te betreden (of het station verliet) zag zich geconfronteerd met een indrukwekkende, goed bemande controlepost van de lokale of federale (zelfs zwaar bewapende) politie. Een korte dialoog met een anoniem vermomde politieagent behoorde ook tot de mogelijkheden. Wie staande werd gehouden kreeg de wel zeer indiscrete (geoorloofde?) vraag te horen wat men in Kortrijk eigenlijk kwam doen. En waarom. Stel u voor.
Geen mens die wist wat er op til was, maar iedereen zag wel in dat er iets fameus serieus moest aan de gang zijn. Zo’n ongeziene machtsontplooiing aan de grenzen (als tolpoorten gelijk) van een stad is, voor elkeen van na WOII, toch ervaren als een unieke, historische gebeurtenis zowel stad als in dit land. Dreigde er een (burger)oorlog? Een catastrofale ontploffing? Een terreurdaad? Verwachtte men buitenaardse wezens?

Onze nieuwe, waarnemend burgemeester Ruth Vandenberghe (soort pseudo-VLD’er) heeft daarover via de media achteraf een zoetgevooisd briefje verspreid met een troostvolle motivering over die spectaculaire actie. Zo weten we min of meer wat er aan de hand w1. Zij had namelijk via politie- en andere inlichtingsdiensten vernomen dat er mogelijks op zondagavond 1 november ca. 19 uur aan de stationsbuurt een niet aangevraagde en dus ook niet toegelaten betoging van wat groupuscules zou plaatsgrijpen. Stel u nogmaals voor!
2. Komt daarbij dat in deze coronatijden samenscholingen medisch bekeken zeer ongepast en risicovol zijn. Het was dus ook haar verdomde plicht als burgermoeder om de gezondheid van de (Kortrijkse) burgers te beschermen.

Ja, dat is ook zo…
Een burgemeester is verantwoordelijk voor de veiligheid (de gezondheid…), de orde en rust in de gemeente. Vandaar dat een burgemeester ook hoofd is van de (lokale) politie en die politie bepaalde opdrachten kan geven.
Het is zelfs zo dat de burgemeester in bepaalde omstandigheden ook de federale politie kan vorderen. Dat is op instigatie van iemand (maar wie?) gebeurd in Kortrijk. (Hierbij dient men onmiddellijk de gouverneur en de arrondissementscommissaris van op de hoogte te brengen.)

Iemand moet de vandaag op dit gebied althans nog wat onervaren Ruthie (dat is het koosnaampje van onze nieuwe burgemeester) gewezen hebben op het bestaan van een art.43 van de “Wet op de Organisatie van de Geïntegreerde Politiedienst, gestructureerd op twee niveaus” (de beroemde WGP).
Daarin staat dat de burgemeester met het oog op de handhaving of het herstel van de openbare orde (dus NIET omwille van gezondheidsrisico’s!) de federale politie kan vorderen. Ja. En dat kan in geval van omstandigheden als “een ramp, onheil, schadegeval, oproer, kwaadwillige samenscholing of ernstige bedreigingen van de openbare orde”. En daar is tegelijk nog een bijzondere, niet te vergeten voorwaarde aan verbonden: het kan enkel “wanneer de middelen van de lokale politie onvoldoende zijn”. (Onthoud dat nu maar even. Of aan al die voorwaarden was voldaan.)

Nu onze voormalige burgemeester Vincent Van Quickenborne tot minister van Justitie is benoemd, willen we onze Ruthie tevens attenderen op het feit dat de federale politie (voor het vervullen van opdrachten van bestuurlijke politie) onder het gezag staat van de Minister van Binnenlandse Zaken maar ook (voor gerechtelijke zaken) onder het gezag van de Minister van Justitie, onze Vincent. (Dat is art. 97 van de WGP.) Heeft Quickie zich gemoeid??
Verantwoordelijk dan voor de uitvoering van het uitgestippelde politiebeleid van die twee vernoemde ministers is de commissaris-generaal van de federale politie. (Art.99 van de WGP).
Naast – natuurlijk – de korpschef van de politiezone VLAS (Filip Devriendt), waren dus heel wat instanties en personen betrokken bij die ongeziene Kortrijkse actie van zondag 1 november. Die operatie moet wel degelijk dagen op voorhand voorbereid zijn.
Alles, maar dan ook alles van dat gebeuren was volkomen onconventioneel en disproportioneel. Daarover willen we het ook nog hebben. Onwelgevallige vragen zijn hier alweer op hun plaats. De pers liet het hieromtrent weer afweten, zelfs nationaal.
(Wordt vervolgd hoor.)









Hoe staat het met de “ethos” van minister Van Quickenborne? (les 3bis)

De vraag is gerechtigd.
Vincent Van Quickenborne (V.VQ.) heeft er zich tegenover de Kortrijkzanen plechtig en formeel (de eed ontbrak nog net!) toe verbonden om tot het eind van de legislatuur (2014) burgemeester te blijven van zijn beminde centrumstad die volgens én dankzij hem is uitgegroeid tot een voorbeeldstad.
Stel u voor. De schaamte voorbij? Het was zelfs een bruikbaar propaganda-argument om hem intussen toch ook maar te laten verkiezen tot federaal Kamerlid.

Met een discours aan de Kortrijkzanen én zijn uitlatingen in zijn goedgunstige pers heeft hij daartoe naar overtuigingsmiddelen (argumenten) gezocht die Aristoteles retorisch bekeken rangschikt onder de categorieën “logos”, “pathos” en “ethos”.
Een vorig stuk in deze stadskrant eindigde met de prangende vraag of hij zijn “verhaal” wel aan zichzelf zou kunnen verkopen? Dramatische vraag die in de lengte van jaren pas een antwoord zal krijgen bij een politieke misstap van zijnentwege. Of een verspreking, een loslippigheid van een concullega of medewerker.
Wij, en velen met ons, twijfelen alleszins aan het gehalte “ethos” ervan, d.w.z. aan de geloofwaardigheid en de oprechtheid van zijn argumentatie.
Daar willen we het nu wel een keer over hebben.

Zo zei burgemeester Quickie bijvoorbeeld dat de keuze om zich tot minister te laten benoemen niet evident was, ook al omdat hij Kortrijk “ongelooflijk graag ziet”.
Nu is het zo dat wij sinds lang vanuit het stadhuis geruchten horen dat hij al te veel “bezig is met Brussel”. In de pers (‘Het Nieuwsblad’ van 1 oktober) durfde alvast één iemand dit aldus verwoorden: “De drive en de schwung die hem kenmerken waren al geruime tijd niet meer aanwezig. Kortrijk begon te klein en te weinig uitdagend te worden.” (Het gaat om een uitspraak van Sien Vandevelde, communicatie-verantwoordelijke van de lokale oppositiepartij CD&V.) De bewering dat “hij graag verder had gedaan (sic) als burgemeester” kunnen we dientengevolge met enige scepsis bejegenen.

V.VQ. was nog van mening dat hij in deze crisistijden “niet aan de zijlijn kon blijven staan”. De plicht riep. Ook deze bewering geniet van enige twijfelzucht bij ons alsook bij de Kortrijkzanen die Quickie’s zeer bijzondere persoonlijkheidstrekken en (als ‘brutaal’ beschouwd) politiek handelen enigszins beter kennen. De geldings- en dadendrang en zijn onmeetbare ambitie, plus zijn ongeziene lef, doen bij ons en anderen de vraag rijzen of hij zich – ook in tijden ZONDER crisis – niet geroepen zou voelen tot het ministerschap.

V.VQ. zegt dat hij lang heeft nagedacht over de beslissing om over te stappen tot het federale niveau. Er nachten van wakker lag.
Dat kunnen we best geloven hoor, maar waarschijnlijk in een héél ander tijdsbestek dan hij publiek laat uitschijnen.
We stellen weer een fundamentele vraag: sinds wanneer heeft Van Quickenborne de onweerstaanbare drang (art.71) voelen opwellen om zich opnieuw met kracht als een ministeriabel iemand een weg naar boven te banen?
Wij doen een gok.
Al in augustus 2019 schuift V.VQ. de VLD-fractieleider Egbert Lachaert naar voor als DE geschikte VLD-partijvoorzitter. Nu moet u weten dat den Egbert zelf toen op dat ogenblik geenszins kandidaat was. In januari 2020 dringt Quickie er nogmaals op aan dat Lachaert zich zou kandidaat stellen. Hij ontvangt hem ook nog als een trofee op de nieuwjaarsreceptie van zijn Kortrijkse kiesvereniging genaamd “Team Burgemeester”

(Men beseft dat nog altijd niet goed: in centrumstad Kortrijk is er geen VLD meer.)
En in de aanloop van de verkiezingen van de VLD-voorzitter (die eerst zouden plaatsgrijpen in maart 2020) schaart hij zich volledig als een tandem gelijk achter Lachaert. Als zijn running mate.
V.VQ. weet pertinent goed dat het de partijvoorzitters zijn die de kandidaat-ministers aanduiden en is er ook van op de hoogte dat Lachaert op zijn beurt absoluut Alexander De Croo als premier wou in de vivaldi-regering.
Kijk.
Oostends burgemeester Tommelein zei het nog als commentaar op zijn nederlaag in die voorzittersverkiezingen. “Je moet het hem (Vincent) nageven dat hij telkens op een heel opportunistische manier de juiste kaart trekt.” En in Knack (7 oktober) lazen we eenzelfde analyse: “Hij (Vincent dus) ruikt van kilometers afstand een potentiële winnaar.”

En misschien moeten we dit nog even nageven.
De nieuwe premier De Croo is historisch zelf ook nog schatplichtig aan V.VQ…
Hij heeft zeker niet vergeten dat Quickie in 2009 (!) samen met Patricia Ceysens hem overtuigde om zijn kans te wagen als VLD-voorzitter.

Ja. Neen. Onze Quickie is heus niet van gisteren!
En zijn moreel kompas (de ethos!) is nogal beverig.
Later wenkt Europa? Na Verhofstadt? Want niettegenstaande al zijn ongetemde lef zal V.VQ. het niet meer wagen om zich in 2024 opnieuw op te werpen als kandidaat-burgemeester in zijn geliefde Kortrijk. Maar dat is inmiddels ook al geregeld: het wordt de nu waarnemend burgemeester Ruth Vandenberghe.

Past minister Van Quickenborne wel alle regels toe uit de “Ars Rhetorica”: ook de ‘ethos’? (deel 3)

Even recapituleren voor wie de eerste lessen uit de trilogie niet heeft gevolgd of niet weet waarover het gaat. Door zich te laten benoemen tot minister heeft Vincent Van Quickenborne (V.VQ.) zijn harde en herhaalde belofte om tot 2014 Kortrijks burgemeester te blijven helemaal niet nagekomen. In les 1 van deze trilogie beschreven we hoe hij via enkele theoretische overwegingen zijn overstap naar het federale niveau argumenteerde.
Aristoteles rangschikte dit soort van overtuigingsmiddelen onder de term ‘logos’. In de tweede les dan zagen we hoe hij daartoe ook enige “pathos” hanteerde.
Tot slot hebben we het nu over de “ethos” van V.VQ.
Het derde en, volgens Aristoteles, het beste middel waarover een spreker kan beschikken om zijn publiek te overtuigen om te kiezen voor de zaak die hij meent te moeten of kunnen bepleiten.

Het begrip ETHOS omvat twee aspecten.
1) Het gaat om de vraag of de spreker beschikt over de nodige ervaring, deskundigheid over het onderwerp. 2) En anderzijds de vraag of hij met al die expertise zich ook nog kan presenteren als iemand die vertrouwen uitstraalt.
Over de competentie van V.VQ., zijn kwalificatie in de materie bestaat er geen twijfel, – zijn ministerschap over de Noordzee nu wel even daar gelaten.
Quickie is van opleiding jurist, was senator, volksvertegenwoordiger, fractieleider, staatssecretaris en minister en frequenteerde in zijn politiek leven meerdere partijen. Daar niet van. “Hij kan het.”

Heel anders is het wel gesteld met de vraag of zijn reputatie of imago voldoende gestoeld is op waarachtigheid, oprechtheid. Zoals men zegt in betere kringen: zijn “earnestness”! Die uitstraling heeft hij bij de enigszins geïnformeerde burger zeker onvoldoende. Het is toch een algemeen gedeeld gevoel bij politiek meer geïnteresseerden dat Quickie niet altijd geloofwaardig overkomt. Zelfs zijn non-verbaal gedrag draagt daartoe bij: zijn theatraliteit, zijn gespeelde en al te vaak uitgeoefende, populistische verontwaardiging over alles en nog wat. En dat hij tevens al te veel in zijn betoog een zinsnede start met “eerlijk gezegd” wekt ook al enig wantrouwen op.

V.VQ. is waarlijk door de wol geverfd. Zijn woordbreuk tegenover de Kortrijkzanen leert veel over zijn politieke mores.
Laat ons naar aanleiding van dit “verraad” daar in een volgend stuk wat concreet op ingaan. Constructieve journalistiek!
We willen wat meer feitelijk terugkeren naar zijn discours waarbij hij zijn beminde Kortijkzanen wou overtuigen van de redelijkheid en de noodzaak van zijn besluit om verder af te zien van zijn mandaat als geliefde burgervader.
Laat ons eens een gedachte-experiment opzetten en aan V.VQ. de fundamentele vraag stellen: “Kunt u uw verhaal wel aan uzelf verkopen?”

(Wordt vervolgd.)












Minister Van Quickenborne past de regels uit de “Ars Rhetorica” toe: de ‘pathos’ (deel 2)

In een vorige les van een tijdje geleden beschreven we hoe Kortrijks burgemeester V.VQ. (Vincent van Quickenborne) met theoretische, logische redeneringen heeft geprobeerd om het afzweren van zijn dure eden – om voor altijd burgmeester van zijn beminde centrumstad te blijven – toch wat goed te praten. Het kwam hierop neer: hij heeft in feite zichzelf opgeofferd om het land met zijn ministerschap (ook van de Noordzee) door de crisis heen te loodsen. Tegelijk laat hij Kortrijk niet los en wil (vanuit federaal niveau zeg!) nog veel goed doen voor de stad.
Dit soort van overtuigingsmiddelen rangschikte Aristoteles in zijn “Ars Rhetorica” tot de categorie “logos”.

Maar de wijsgeer wist maar al te goed dat er meer nodig is dan rationele, inhoudelijke argumenten (logos) om als onderdeel van het betoog de toehoorder niettemin te overtuigen van zijn gelijk als spreker. Er is alleszins ook “PATHOS” nodig: men dient de emoties van het publiek te bespelen.
V.VQ. kan dat als geen ander maar het lukt wel niet bij iedereen.
Zijn toespraak tot de Kortrijkzanen (die zich waarlijk verraden voelen) begon al meteen met de meest gekende, populistische methode: de ‘captatio benevolentiae’: het goed stemmen van het publiek zodanig dat men begint warme gevoelens te koesteren voor de spreker. Enige vleierij mag daarbij niet ontbreken.
Dus zei de afscheidnemende burgervader: “Ik ben een trotse burgemeester. Ik was graag verder uw burgemeester geweest, van een provincienest dat (nu) een voorbeeldstad in Vlaanderen is.” Het was waarlijk geen evidente keuze, omdat hij Kortrijk graag ziet. Dat u dat maar weet.

V.VQ. onderstreepte dit alles dan met de weidse advocatengebaren en stemverheffingen (met een enkele kortstondige pauze), eigen aan iemand die eigenlijk niet kan verbergen dat hij toneel speelt.
Tot de ‘pathos’ van een deskundige redevoering behoort dit overtuigingsmiddel tot het decorum. Niet voor niets hield Quickie zijn toespraak in de prachtige Beatrijszaal van het historische stadhuis, met op de achtergrond een kunstig glasraam en een rij indrukwekkend dikke boeken.

V.VQ. liet het natuurlijk niet na om enig medeleven, welwillendheid, zelfs medelijden uit te lokken bij zijn toehoorders. Dus moesten we aanhoren dat hij over zijn overstap naar Brussel lang heeft nagedacht, ja daar echt nachtenlang heeft van wakker gelegen, en met veel mensen over heeft gepraat. Ook met zijn vrouw. (Want wie gaat er nu de dochter naar school voeren?) Maar ja, “plicht roept en men kan niet aan de zijlijn blijven staan”.
En: “Wat we in Kortrijk doen met onze ploeg, moet ook in ons land mogelijk zijn.”

Naschrift.
Wat dat ook moge zijn wat u hier ter stede en in Brussel doet, dank u voor alles, titelvoerend burgemeester!

In een volgende editie van deze krant zullen we het nog hebben over uw beroemde én beruchte eigen “ethos”.



Over de persoonlijkheidsstructuur van onze nieuwe burgemeester (2)

Spoiler
Niemand van de redactie van kortrijkwatcher heeft ooit een woord gewisseld met de nieuwe burgemeester.

In het Kortrijks Staatsblad van 10 oktober (dat is de regionale editie “Leiestreek” van Het Laatste Nieuws) kreeg Ruth Vandenberghe acht vragen vanwege Peter Lanssens (lps) te verwerken waarvan toch de helft eerder van persoonlijke en niet van politieke aard waren. In elk geval ging de politica daar maar al te graag op in, terwijl men in een maideninterview met een persoon die een nieuw politiek mandaat toegewezen krijgt toch eerder verwacht dat men de focus legt op zijn politiek denken en handelen.
Van enige politieke overtuiging of ideologie is dus geen sprake.
Van Kortrijk “de beste stad van Vlaanderen” maken, dat aanziet Ruthie oftewel “”kordate hyrax” (ze verklapt ook haar bijnamen) als belangrijkste doel van haar ambt. Daartoe wil zij ervoor zorgen dat de grote stadsdossiers op de rails blijven. (Persjongen (lps) laat hierbij na om te wijzen op de uiterst lage lage realisatiegraad van de investeringen in de eerste helft van dit jaar en vraagt niet wat ze daar wil aan doen. Idem voor de vorige bestuursperiode.)

De nieuwe waarnemend burgemeester geeft nederig toe dat zij weinig ervaring heeft. Is dat wel juist?
Zij was:
– schepen gedurende 1 jaar en 10 maanden
– coördinator participatie (5 jaar en 5 maanden)
– projectmanager bij de SOK (7 jaar en 3 maanden)
– werkzaam bij de communicatiedienst van de stad (8 jaar en 3 maanden)
– werkzaam bij de persdienst van stad (2 jaar en 7 maanden)
Dat maakt dat onze nieuwe burgemeester al zowat 22 jaar “in de politiek zit” en veel te weten is gekomen over het reilen en zeilen in de stad en niet in het minst in het stadhuis. Kortom: zij weet alles over interne keukens.
Ruthie meldt nog als een voordeel dat zij een “politiek onbesproken blad” is. Ook dat kan men in twijfel trekken. Zij is namelijk rechtstreeks werkzaam geweest bij wijlen burgemeester Manu De Bethune en bij Stefaan De Clerck. Twee rasechte christen-democraten toch?
Mogen we uit dit alles besluiten dat er soms enige twijfel kan bestaan over haar geloofwaardigheid? (Waarom vertelt zij ook niet dat ze aan de Gentse univ van 1991 tot 1995 politieke wetenschappen heeft gestudeerd.)

De interviewer getuigt in zijn vraagstelling niet van enige kennis van wat men in de psychiatrie bestempelt als “structurele diagnostiek”. Dat is teveel gevraagd. Er komt weinig dieptepsychologie aan te pas. We krijgen wel te maken met een soort lichte “descriptieve diagnostiek” zodat we eerder wat losse karakter- en persoonlijkheidstrekken van onze burgermoeder te weten komen.
Zo eigent Ruth Vandenberghe zichzelf een hele rist deugden toe die goed van pas komen in de politiek.
We sommen ze op, in de volgorde waarop de burgemeester die zelf in het interview te berde brengt.
Ruthie is: stressbestendig, rationeel, kordaat, daadkrachtig. Is voorstander van een “no-nonsense aanpak”, naar het voorbeeld van de titelvoerend burgemeester Quickie.
Zij vertoont verantwoordelijkheid en leiderschap, is oprecht en spontaan, en een keiharde werker. Zij kan mensen enthousiasmeren, en leert snel bij.
Dat is al heel wat om over naar huis te schrijven, nietwaar?
Zij heeft verder nog wat menselijke deugden over die goed van pas komen in het werkelijke, gewone leven. Zij slaat graag met iedereen een babbeltje, is een fuifbeest (zonder de controle te verliezen!), is ook wel een beetje rebels en onbevangen.

Onze gemeenteraadwatcher heeft evenwel bij Ruth Vandenberghe in haar functioneren als schepen enige afweermechanismen kunnen waarnemen, dienstig om de integratie van haar persoon in stand te houden. (Die mechanismen komen helaas niet voor in het interview.)
Die gedragingen waren natuurlijk opvallend in dossiers waarmee zij het moeilijk had om die te verdedigen, zoals de sluiting van containerparken, het digitale “referendum” over autoloze zondagen. Dan bleek zij in haar optreden nogal obstinaat, deed aan verdringing, rationalisatie en ontkenning. Was ook kort van stof in deze materies.
Tja, je kan niet alles hebben.

Zo. Dat hebben weer even gehad.
Toch nog even een belangrijke politieke uitlating van onze Ruth.
We schreven hier al een keer dat we eigenlijk drie burgemeesters hebben: Vandenberghe , Van Quickenborne en Maddens.
Nu vertelt Ruth dat zij wekelijks gaat samenzitten met Quickie, Wout en Arne.
Dat is dus niets anders dan te bestempelen als een schaduwcollege alwaar beslissingen zullen vallen waar de schepenen van de SP.A en de N-VA niet zullen omheen kunnen.





Over de persoonlijkheidsstructuur van de nieuwe burgemeester (1)

Eerst een juridisch woordje vooraf.
Want het is dringend.
Vandaag 12 oktober alweer gemeenteraad, nu evenwel met na twee jaar (!) een nieuwe voorzitter, een nieuwe schepen, maar bovenal met een nieuwe waarnemend burgemeester ter vervanging van Vincent Van Quickenborne die, tegen alle plechtige en volgehouden beloften in, zich toch geroepen voelde om minister te worden. Dat “offer he can’t refuse”, weet je wel, geliefde Kortrijkse burger en kiezer?
Vandaag, en nog niet zovele uren lang geleden, kregen de raadsleden een hoogdringend bijkomend agendapunt in hun mailbox.
Het heeft immers niet veel gescheeld of de zitting van vandaag was in uiterste verwarring of zelfs chaotisch opgestart en waarschijnlijk uitgesteld.
Op de agenda stond wél dat men akte zou nemen van de wettelijke verhindering van de burgemeester in functie, maar daar tegenover werd er met geen woord gerept over een nieuwe waarnemend burgemeester en zijn/haar naam.
Dat kon ook niet, want weet wel dat Ruth Vandenberghe pas vanochtend (of was het over de middag?) bij de gouverneur de eed van waarnemend burgemeester heeft afgelegd. En dit kon pas, omdat – ook pas! – gisteren 11 oktober een Ministerieel Besluit van de Vlaamse regering haar tot burgemeester heeft benoemd.

Het is nochtans zo dat Van Quickenborne (alias ASAP) het bestond om al op donderdag 1 oktober tijdens een heel ochtendlijke persconferentie (en nog voor hijzelf de eed als minister had afgelegd) mevrouw schepen Ruth Vandenberghe als nieuwe waarnemend burgemeester aan de pers heeft voorgesteld. (Zijn ‘Team Burgemeester” of bestuur van zijn kiesvereniging wist natuurlijk nergens van.)

En waarlijk, sinds die dag heeft Ruthie (dat is haar koosnaampje) zich in de praktijk als een echte burgemeester in functie gedragen. Ja, moet kunnen, in een centrumstad als Kortrijk.
In het weekblad “De Krant van West-Vlaanderen” (9 oktober) staat letterlijk een uitgebreid embedded verslag te lezen van wat zij gedurende haar eerste (drukke) week tot en met donderdag 8 oktober zoal heeft uitgericht. Zij bleef haar taken als 7de schepen wel verder zetten (huwelijken voltrekken) maar gedroeg zich tegelijk ook als burgemeester. Bijv. hield zij ‘op film’ een toespraak tot haar stadsmedewerkers (intussen ook tot de bevolking). Verder heeft zij op maandag 5 oktober haar eerste schepencollege voorgezeten! Kan allemaal hoor.
Dit zijn inmiddels zaken of gebeurtenissen die al ietwat bepaalde facetten “verraden” van haar persoonlijkheidsstructuur. In “Het Laatste Nieuws” (10 oktober) zegt zij helemaal van en uit zichzelf dat zij kordaat is en daadkrachtig. En voorstander is van een no-nonsens aanpak.
En daarover wilden we het hier en nu juist toch hebben in deze krant: de persoonlijkheidstrekken van onze Ruthie? Excuses van de hoofdredactie.
‘t Zal voor een volgende keer zijn. Over een half uur (19 uur) start de eerste gemeenteraad met Ruthie als burgemeester en Helga Kints als nieuwe voorzitter. Dat willen we niet missen. Veel volk en pers te verwachten op Tinternet. Zal titelvoerend burgemeester Quickie er ook naar kijken?

Redactionele mededeling i.v.m. wettelijke vervanging van burgemeester Van Quickenborne door Ruthie

We moeten onze voorgenomen trilogie over de kennis van V.VQ van de overtuigingsmiddelen uit de “Ars Rhetorica” even haastig onderbreken. Zoals u weet had Quickie volop de kennis van de logos, de ethos en de pathos, door Aristoteles uiteengezet, nodig om zijn vlucht uit het provinciestadje Kortrijk naar het federale niveau goed te praten.
Maar nu zijn vervangend burgemeester Ruth Vandenberghe (bijgenaamd ‘Ruthie’) morgen 12 oktober voor het eerst zou kunnen optreden als dusdanig in de gemeenteraad en daarbij ook alreeds in de lokale editie “Het Laatste Nieuws” (bijgenaamd ‘het Kortrijks Staatsblad’) dd. 10 oktober haar diepste zielenroerselen kenbaar maakte (dit is politiek gezien zeer ongewoon!), ziet de redactie van Kortrijkwatcher zich nu wel genoodzaakt om in te aan op dit ‘pushbericht’ uit onze meest concurrentiële gazet. We moeten toch onze losse verkoop op peil houden!

Minister Vincent Van Quickenborne past de regels uit “Ars Rhetorica” toe: de logos (1)

Redactionele mededeling vooraf
Om zijn lange naam niet telkens opnieuw te moeten uitschrijven maken we er een eigen afkorting van : V.VQ. En als we het ons permitteren om wat gemeenzamer te zijn, noemen we hem gewoon Q of Quickie. Maar zijn bijnaam is wel ASAP
hoor.

Niet-Kortrijkzanen zijn hier waarschijnlijk weinig van op de hoogte, maar V.VQ heeft er zich – zowel bij de gemeenteraadsverkiezingen (2018) als bij de federale (Kamer)verkiezingen (2019) – plechtig toe verbonden om de gehele bestuursperiode uit te zitten als burgemeester van zijn geliefde centrumstad Kortrijk. In de tussentijd werd hij Kamerlid en zelfs VLD-fractieleider aldaar. Moet kunnen.
Door nu als vice-premier en minister van Justitie toe te treden tot de regering- De Croo heeft hij die dure belofte verbroken en moest hij naar overtuigende retorische middelen zoeken om zijn woordbreuk of zelfs als “verraad” bestempeld gedrag enigszins aannemelijk te maken voor alle politiek geïnteresseerde burgers.
Hij heeft geprobeerd om die onwaarschijnlijk grote imago-schade in politieke geschoolde milieus althans te beperken met een schrijven en een videoboodschap aan zijn teerbeminde Kortrijkse burgers. (Nog moeilijk te vinden op internet.)

Een kernboodschap hierbij was de uitspraak: “De plicht roept”.
“Als de premier Alexander De Croo mij vraagt, kan ik niet weigeren. Ik kan niet aan de zijlijn blijven staan.” (In werkelijkheid heeft natuurlijk de VLD-voorzitter Egbert Lachaert hem naar voor geschoven.)
Justitie is volgens V.VQ een zeer moeilijk departement, maar er ligt een miljoen klaar voor de modernisering ervan. Dat heeft dus meegespeeld in zijn beslissing om er in Kortrijk de brui aan te geven. Hij hoopt te kunnen helpen om het land weer sterker te maken om België door de grootste crisis sinds WOII te loodsen.
Wie kan nu zo’n grootse, verheven taak weigeren? Het besturen van een provinciestadje als Kortrijk is hierbij vergeleken peanuts. Triviaal. “Uitzonderlijke tijden vragen om uitzonderlinge oplossingen.”
Het is duidelijk: Quickie offert zich op voor de goede zaak.

Dit soort inhoudelijke argumentatie om zijn overstap naar het federale niveau plausibel te maken zou Aristoteles in zijn werk “Ars Rhetorica” rangschikken als een overtuigingsmiddel behorend tot de categorie “LOGOS”. Men beroept zich hierbij op een logische redenering die iedere billijke (redelijke, bedaarde, wijze ) mens wel als vanzelf moet aanvaarden.

Quickie maakt gebruik van nog een andere truc uit de retorische foor, weerom als een redelijk beschouwd overtuigingsmiddel, ook behorend tot de zgn. categorie “logos” van Aristoteles..
Hij zegt: “Ik ben niet weg.”
“De Kortrijkzanen kunnen op mij blijven rekenen. Ik kan ook in Brussel veel voor Kortrijk betekenen. Van een nieuw treinstation tot een nieuw voetbalstadion: ik zal zorg blijven dragen voor grote Kortrijkse dossiers.”
Tja, wat moet men daar nu van denken? Als men van enig politiek bewustzijn blijk heeft?
Ten eerste is de bouw van een sportstadion absoluut geen federale materie. Ten tweede zal hij voor dat nieuwe station zowel de minister van mobiliteit (Ecolo) als die van overheidsbedrijven (Groen) als de staatssecretaris van begroting (dat is wél zijn poulain) moeten overtuigen. En het Bestuur van de NMBS moet er geld voor over hebben!

Maar Quickie is toch een jurist?
Hij behoort te weten dat zijn betoog in deze zaak gewoon politiek amoreel is. Ja!
Een minister staat voor het algemeen belang, voor ‘s lands belang zeg maar, en moet zich niet specifiek preoccuperen met puur plaatselijke besognes.
Kijk. Uit nieuwsgierigheid hebben we een keer de agenda van alle federale ministerraden van dit jaar bekeken. 33 in het totaal, gaande van 10 januari tot en met 25 september. Wilden namelijk weten in hoeverre federale ministers zich wekelijks onledig houden met gemeentelijk beleid. Daarover vergaderen.
Ja, we vonden enkele besluiten die onrechtstreeks – maar dan wel in het algemeen – gemeentelijke financiën kunnen beïnvloeden. Subsidies of toelagen voor politie, hulpverleningszones. Nu Covid-19 steunmaatregelen. En natuurlijk dossiers van de Regie der (federale) Gebouwen (de gevangenis van Dendermonde bijvoorbeeld).
Quickie weet dat er bij de zesde staatshervorming een enorm lange lijst van overdrachten van bevoegdheden van de federale staat naar de gemeenschappen en gewesten is geschied: gezinsbijslag, gezondheidszorg, arbeidsmarkt, verkeersveiligheid, de huurwet, de justitiehuizen (!), jeugdsanctierecht (!), sociale economie, grootstedenbeleid (!), rampenfonds, enz.
Positief voorstel. Alweer.
In de komende Kortrijkse gemeenteraden kan V.VQ als raadslid voor de volgende vier jaar maandelijks komen vertellen wat hij als minister heeft gedaan gekregen voor zijn beminde Kortrijk. Dat is dus afgesproken!

P.S.
We moeten het in volgende edities nog hebben van de ‘ethos’ en de ‘pathos’ die V.VQ hanteerde bij zijn afscheid als burgervader van Kortrijk
.








Kortrijk: de enige centrumstad met drie burgemeesters

Hoezo? Drie?
Welja, minister Vincent Van Quickenborne blijft titelvoerend burgemeester én gemeenteraadslid. Zijn ADHD-achtige dadendrang, waarbij alles ASAP moet gebeuren, brengt mee dat hij zich ook continu zal bemoeien met het Kortrijkse beleid. Het zou ons totaal niet verbazen dat hij zelfs een medewerker van zijn Brussels kabinet de opdracht geeft om Kortrijkse dossiers voor hem op te volgen. (Zijn politiek moraliteitsbesef is tot nul te herleiden.)
En de waarnemend burgemeester, de nieuwe gemeenteraadsvoorzitter, de fractieleider van zijn kiesvereniging “Team Burgemeester” mogen zich dag en nacht verwachten aan telefoons en mails van zijnentwege, eindigend met de uitroep ASAP.
De vraag dient ook nog gesteld in hoeverre de waarnemend burgemeester haar eigen kabinet zal mogen samenstellen.

Voormalig schepen Ruth Vandenberghe wordt dus waarnemend burgemeester. Zij mag zich blijven bezig houden met peuken, containerparken en inwonersbevragingen. Kranten schrijven dat schepen Wout Maddens helemaal niet jaloers is dat hij voor de volgende vier jaar niet is aangeduid als waarnemend burgemeester. Dat is om te lachen?
Iedereen weet toch dat Maddens (met zijn machtige bevoegdheden, zijn mandaten en ervaringen) de vaste partner is van Ruth, waarnemend burgemeester? Waarover zal dit paar het hele dagen én zelfs nachten onder mekaar hebben, denkt u? Toch over de Kortrijkse politiek?
Vandaar dat we zeggen dat Kortrijk nog een derde burgemeester heeft: de genoemde Wout Maddens. En dat is niet om te lachen, Wout kennende.

Quickie heeft dus woordbreuk gepleegd.
Tot tweemaal toe heeft hij plechtig en openbaar verklaard dat hij tot het eind van de legislatuur zou burgemeester blijven. Die belofte was zelfs een belangrijk argument in zijn kiescampagne. Hij zou geen “verraad” plegen zoals Stefaan De Clerck (die tussen haakjes zo geen belofte ter zake deed). Intussen werd Vincent wél federaal parlementslid en daarenboven VLD-fractieleider in de Kamer. Taken die nauwelijks zijn te combineren met het burgemeesterschap van een centrumstad.
Woordbreuken zijn in de politiek schering en inslag. In het gewone leven kunnen ze leiden tot rechtszaken of tot vechtpartijen en moorden.
Voor Quickie zal de woordbreuk (soort ambtsmisdrijf eigenlijk) praktisch zeker tot gevolg hebben dat hij zich bij de volgende gemeenteraadsverkiezingen van 2024 niet meer kan laten uitroepen tot lijsttrekker én kandidaat-burgemeester.
Maar geen nood. Dat is ingecalculeerd. We hebben het sterke vermoeden dat er al geruime tijd binnenskamers is beslist dat Ruth Vandenberghe in 2024 de lijsttrekker zal worden van de volgende kiesvereniging. Ruth is nu goed gelanceerd.
De woordbeuk van Quickie wordt dan omgezet in een regelrechte vaandelvlucht…

P.S.
Bij zijn “afscheid” heeft Van Quickenborne zich met een open brief en een plechtige toespraak gericht tot de Kortrijkse bevolking. In een volgend stuk gaan we na in hoeverre hij de middelen van overtuigingskracht heeft aangewend zoals die door Aristoteles zijn beschreven.: de ethos, de pathos en de logos.
En, is het hem ietwat gelukt?