Category Archives: asap

Van woonzorgcentrum tot detentiehuis (1)

Het voormalige OCMW-woonzorgcentrum Lichtendal (gelegen dichtbij en tussen de universiteit KULAK en de hogeschool VIVES) telt 48 wooneenheden, verdeeld in drie aparte woonhuizen rond een binnentuin, die namen dragen als De Deder, De Melde, De Wikke. (Hopelijk blijven die rare maar toch leuke namen bewaard voor de aanduiding van de woonst voor de gedetineerden.)
De kamers hebben een standaardformaat, of zijn wat ruimer, of zijn een studio of flat.
Indertijd werden ze bewoond door 48 min of meer dementen, allen 65 plussers. Vandaar dat allerhande deuren zijn beveiligd: zonder badge geraak je niet binnen of buiten.
Directeur was Jan Goddaer.

Het WZC staat al leeg sinds midden 2019. De bewoners verhuisden naar “De Zon” in Bellegem.
Het OCMW hoopte de site te verkopen voor goed 4 miljoen euro. Er was interesse bij de KUL en VIVES om aldaar te komen tot een “associatiecampus”. Dat is toen niet doorgegaan om een ons onbekende reden.
Met de komst van corona dacht men in april 2020 om de site om te schakelen tot een “zorghotel” om alzo ziekenhuizen uit de regio te ontlasten, maar dat is niet nodig gebleken. Nu is de site verhuurd aan VIVES en doet dienst als opleidingstehuis voor verpleegkundigen. Het contract loopt eigenlijk nog tot juni 2022.

Minister van Justitie en Kortrijks titelvoerend burgemeester Vincent Van Quickenborne is na een lek uit CD&V-bronnen kort geleden verplicht geweest om toe te geven dat hij geheime onderhandelingen had gevoerd om “Lichtendal” om te toveren tot een gevangenis, genaamd ‘detentiehuis’. Omwonden gebelgd en ongerust (petitie!) en zowel KULAK als VIVES ook niet echt content.
De minister zag zich genoodzaakt om op 26 oktober een zeer georkestreerd “infomoment” te houden om de bewoners gerust te stellen en tegenstanders de mond te snoeren.
Volgens Het Laatste Nieuws (online op 27/10) verklaarde Quickie toen dat hij persoonlijk zou instaan voor de veiligheid, en hij garandeerde dat ! (Wat als er bijv. een groepsgewijze ontsnapping zou gebeuren? Neemt hij dan ontslag als minister?)

Het is nogal begrijpelijk dat de omwonden zich ongerust voelen en dat op die infovergadering ongeveer alles draaide rondom deze problematiek en de vraag naar de betekenis van het begrip ‘detentiehuis”.
Maar de redactie van kortrijkwatcher zit met andere prangende vragen, meer politiek-zakelijk gericht.
Maar dat is voor een volgende keer.




Minister Van Quickenborne nipt niet gebuisd in Humo’s grote regeringsrapport

In het nummer van 29 juni heeft Humo (pag. 11-12) in een eerste rapport de huidige acht Nederlandstalige federale minister laten beoordelen door prominenten als Dave Sinardet (prof politicologie VUB), Peter Deroover (Kamerfractieleider N-VA), Frank Verbrugge (prof strafrecht KUL), Barbara Pas (Kamerfractieleider VB).
Onze minister van Justitie Vincent Van Quickenborne kreeg onder de titel “hijgerige communicatie” het kleinste aantal punten: 5 op 10. (Dit komt niet in ons Stadsmagazine.)
Kortrijkwatcher zit daar voor niks tussen maar kan enkel het oordeel in zijn geheel beamen. Zelfs toejuichen, in deze zin dat uit het rapport blijkt dat Quickie als minister niet anders handelt en functioneert dan als burgemeester. Men zou dit zelfs als een compliment kunnen beschouwen: hij blijft zijn eeuwige en enige zelf !

In een woordje vooraf merkt een redacteur van het rapport op dat de neus van Quickie nog altijd scherp staat voor het ruiken van opportuniteiten. Kortrijkwatcher weet dit ook en zei vroeger al dat hij er in slaagt om altijd en lang op voorhand in te zien aan welk wagentje (persoon) hij moet hangen om in zijn politieke loopbaan vooruitgang te brengen. (Omgekeerd merkt ook alras op voorhand wanneer hij best met iemand zou afhaken. Zelfs liquideren.)
Prof. Sinardet is van oordeel dat Van Quickenborne wellicht de minister is met het hoogste populistische gehalte. “Hij weet wat de mensen graag horen.” Ja!
Kamerlid Pas breidt dit oordeel verder uit. “Sterker”, zegt zij, “hij is de kampioen van de populistische aankondigingen.”
En meestal doet hij die eerst in de pers, pas daarna in het parlement En zij voegt er aan toe: “Maar zijn decibels worden niet gevolgd door realisaties.” (Lezers van kortrijkwatcher weten dit maar al te goed. Denken dan aan de lage realisatiegraad van de voorziene investeringen.)
Prof. Verbruggen is ook niet mals. Hij wijst op een contradictie in het voornemen van de minister om zerotolerantie in te voeren. “Als je elke korte gevangenisstraf effectief uitvoert, moet je een hoop gevangenissen bijbouwen. Dat kost fortuinen: willen we dat?” De prof strafrecht meent nog dat Quickie – “los van zien hijgere communicatie – de heilige huisjes spaart.” Hij neemt een afwachtende houding aan in zake zoals de hervorming van het strafrecht, het Hof van Assisen. En zelfs van de digitalisering van Justitie zien we nog niks.

Eindoordeel van Humo:
“Vincent steekt vaak zijn vinger op en maakt de klas graag aan het lachen, maar moet dringend meer aandacht schelen aan zijn huis- en studiewerk. 5/10 dus.

P.S.
In de gemeenteraad van morgen 5 juli zal onze titelvoerende burgemeester het nieuwe huishoudelijk reglement van de Raad goedkeuren. De oppositie wordt nog méér monddood gemaakt. Zie daar ook maar de hand in van Quickie.

Hoe staat het met de “ethos” van minister Van Quickenborne? (les 3bis)

De vraag is gerechtigd.
Vincent Van Quickenborne (V.VQ.) heeft er zich tegenover de Kortrijkzanen plechtig en formeel (de eed ontbrak nog net!) toe verbonden om tot het eind van de legislatuur (2014) burgemeester te blijven van zijn beminde centrumstad die volgens én dankzij hem is uitgegroeid tot een voorbeeldstad.
Stel u voor. De schaamte voorbij? Het was zelfs een bruikbaar propaganda-argument om hem intussen toch ook maar te laten verkiezen tot federaal Kamerlid.

Met een discours aan de Kortrijkzanen én zijn uitlatingen in zijn goedgunstige pers heeft hij daartoe naar overtuigingsmiddelen (argumenten) gezocht die Aristoteles retorisch bekeken rangschikt onder de categorieën “logos”, “pathos” en “ethos”.
Een vorig stuk in deze stadskrant eindigde met de prangende vraag of hij zijn “verhaal” wel aan zichzelf zou kunnen verkopen? Dramatische vraag die in de lengte van jaren pas een antwoord zal krijgen bij een politieke misstap van zijnentwege. Of een verspreking, een loslippigheid van een concullega of medewerker.
Wij, en velen met ons, twijfelen alleszins aan het gehalte “ethos” ervan, d.w.z. aan de geloofwaardigheid en de oprechtheid van zijn argumentatie.
Daar willen we het nu wel een keer over hebben.

Zo zei burgemeester Quickie bijvoorbeeld dat de keuze om zich tot minister te laten benoemen niet evident was, ook al omdat hij Kortrijk “ongelooflijk graag ziet”.
Nu is het zo dat wij sinds lang vanuit het stadhuis geruchten horen dat hij al te veel “bezig is met Brussel”. In de pers (‘Het Nieuwsblad’ van 1 oktober) durfde alvast één iemand dit aldus verwoorden: “De drive en de schwung die hem kenmerken waren al geruime tijd niet meer aanwezig. Kortrijk begon te klein en te weinig uitdagend te worden.” (Het gaat om een uitspraak van Sien Vandevelde, communicatie-verantwoordelijke van de lokale oppositiepartij CD&V.) De bewering dat “hij graag verder had gedaan (sic) als burgemeester” kunnen we dientengevolge met enige scepsis bejegenen.

V.VQ. was nog van mening dat hij in deze crisistijden “niet aan de zijlijn kon blijven staan”. De plicht riep. Ook deze bewering geniet van enige twijfelzucht bij ons alsook bij de Kortrijkzanen die Quickie’s zeer bijzondere persoonlijkheidstrekken en (als ‘brutaal’ beschouwd) politiek handelen enigszins beter kennen. De geldings- en dadendrang en zijn onmeetbare ambitie, plus zijn ongeziene lef, doen bij ons en anderen de vraag rijzen of hij zich – ook in tijden ZONDER crisis – niet geroepen zou voelen tot het ministerschap.

V.VQ. zegt dat hij lang heeft nagedacht over de beslissing om over te stappen tot het federale niveau. Er nachten van wakker lag.
Dat kunnen we best geloven hoor, maar waarschijnlijk in een héél ander tijdsbestek dan hij publiek laat uitschijnen.
We stellen weer een fundamentele vraag: sinds wanneer heeft Van Quickenborne de onweerstaanbare drang (art.71) voelen opwellen om zich opnieuw met kracht als een ministeriabel iemand een weg naar boven te banen?
Wij doen een gok.
Al in augustus 2019 schuift V.VQ. de VLD-fractieleider Egbert Lachaert naar voor als DE geschikte VLD-partijvoorzitter. Nu moet u weten dat den Egbert zelf toen op dat ogenblik geenszins kandidaat was. In januari 2020 dringt Quickie er nogmaals op aan dat Lachaert zich zou kandidaat stellen. Hij ontvangt hem ook nog als een trofee op de nieuwjaarsreceptie van zijn Kortrijkse kiesvereniging genaamd “Team Burgemeester”

(Men beseft dat nog altijd niet goed: in centrumstad Kortrijk is er geen VLD meer.)
En in de aanloop van de verkiezingen van de VLD-voorzitter (die eerst zouden plaatsgrijpen in maart 2020) schaart hij zich volledig als een tandem gelijk achter Lachaert. Als zijn running mate.
V.VQ. weet pertinent goed dat het de partijvoorzitters zijn die de kandidaat-ministers aanduiden en is er ook van op de hoogte dat Lachaert op zijn beurt absoluut Alexander De Croo als premier wou in de vivaldi-regering.
Kijk.
Oostends burgemeester Tommelein zei het nog als commentaar op zijn nederlaag in die voorzittersverkiezingen. “Je moet het hem (Vincent) nageven dat hij telkens op een heel opportunistische manier de juiste kaart trekt.” En in Knack (7 oktober) lazen we eenzelfde analyse: “Hij (Vincent dus) ruikt van kilometers afstand een potentiële winnaar.”

En misschien moeten we dit nog even nageven.
De nieuwe premier De Croo is historisch zelf ook nog schatplichtig aan V.VQ…
Hij heeft zeker niet vergeten dat Quickie in 2009 (!) samen met Patricia Ceysens hem overtuigde om zijn kans te wagen als VLD-voorzitter.

Ja. Neen. Onze Quickie is heus niet van gisteren!
En zijn moreel kompas (de ethos!) is nogal beverig.
Later wenkt Europa? Na Verhofstadt? Want niettegenstaande al zijn ongetemde lef zal V.VQ. het niet meer wagen om zich in 2024 opnieuw op te werpen als kandidaat-burgemeester in zijn geliefde Kortrijk. Maar dat is inmiddels ook al geregeld: het wordt de nu waarnemend burgemeester Ruth Vandenberghe.

Past minister Van Quickenborne wel alle regels toe uit de “Ars Rhetorica”: ook de ‘ethos’? (deel 3)

Even recapituleren voor wie de eerste lessen uit de trilogie niet heeft gevolgd of niet weet waarover het gaat. Door zich te laten benoemen tot minister heeft Vincent Van Quickenborne (V.VQ.) zijn harde en herhaalde belofte om tot 2014 Kortrijks burgemeester te blijven helemaal niet nagekomen. In les 1 van deze trilogie beschreven we hoe hij via enkele theoretische overwegingen zijn overstap naar het federale niveau argumenteerde.
Aristoteles rangschikte dit soort van overtuigingsmiddelen onder de term ‘logos’. In de tweede les dan zagen we hoe hij daartoe ook enige “pathos” hanteerde.
Tot slot hebben we het nu over de “ethos” van V.VQ.
Het derde en, volgens Aristoteles, het beste middel waarover een spreker kan beschikken om zijn publiek te overtuigen om te kiezen voor de zaak die hij meent te moeten of kunnen bepleiten.

Het begrip ETHOS omvat twee aspecten.
1) Het gaat om de vraag of de spreker beschikt over de nodige ervaring, deskundigheid over het onderwerp. 2) En anderzijds de vraag of hij met al die expertise zich ook nog kan presenteren als iemand die vertrouwen uitstraalt.
Over de competentie van V.VQ., zijn kwalificatie in de materie bestaat er geen twijfel, – zijn ministerschap over de Noordzee nu wel even daar gelaten.
Quickie is van opleiding jurist, was senator, volksvertegenwoordiger, fractieleider, staatssecretaris en minister en frequenteerde in zijn politiek leven meerdere partijen. Daar niet van. “Hij kan het.”

Heel anders is het wel gesteld met de vraag of zijn reputatie of imago voldoende gestoeld is op waarachtigheid, oprechtheid. Zoals men zegt in betere kringen: zijn “earnestness”! Die uitstraling heeft hij bij de enigszins geïnformeerde burger zeker onvoldoende. Het is toch een algemeen gedeeld gevoel bij politiek meer geïnteresseerden dat Quickie niet altijd geloofwaardig overkomt. Zelfs zijn non-verbaal gedrag draagt daartoe bij: zijn theatraliteit, zijn gespeelde en al te vaak uitgeoefende, populistische verontwaardiging over alles en nog wat. En dat hij tevens al te veel in zijn betoog een zinsnede start met “eerlijk gezegd” wekt ook al enig wantrouwen op.

V.VQ. is waarlijk door de wol geverfd. Zijn woordbreuk tegenover de Kortrijkzanen leert veel over zijn politieke mores.
Laat ons naar aanleiding van dit “verraad” daar in een volgend stuk wat concreet op ingaan. Constructieve journalistiek!
We willen wat meer feitelijk terugkeren naar zijn discours waarbij hij zijn beminde Kortijkzanen wou overtuigen van de redelijkheid en de noodzaak van zijn besluit om verder af te zien van zijn mandaat als geliefde burgervader.
Laat ons eens een gedachte-experiment opzetten en aan V.VQ. de fundamentele vraag stellen: “Kunt u uw verhaal wel aan uzelf verkopen?”

(Wordt vervolgd.)












Minister Van Quickenborne past de regels uit de “Ars Rhetorica” toe: de ‘pathos’ (deel 2)

In een vorige les van een tijdje geleden beschreven we hoe Kortrijks burgemeester V.VQ. (Vincent van Quickenborne) met theoretische, logische redeneringen heeft geprobeerd om het afzweren van zijn dure eden – om voor altijd burgmeester van zijn beminde centrumstad te blijven – toch wat goed te praten. Het kwam hierop neer: hij heeft in feite zichzelf opgeofferd om het land met zijn ministerschap (ook van de Noordzee) door de crisis heen te loodsen. Tegelijk laat hij Kortrijk niet los en wil (vanuit federaal niveau zeg!) nog veel goed doen voor de stad.
Dit soort van overtuigingsmiddelen rangschikte Aristoteles in zijn “Ars Rhetorica” tot de categorie “logos”.

Maar de wijsgeer wist maar al te goed dat er meer nodig is dan rationele, inhoudelijke argumenten (logos) om als onderdeel van het betoog de toehoorder niettemin te overtuigen van zijn gelijk als spreker. Er is alleszins ook “PATHOS” nodig: men dient de emoties van het publiek te bespelen.
V.VQ. kan dat als geen ander maar het lukt wel niet bij iedereen.
Zijn toespraak tot de Kortrijkzanen (die zich waarlijk verraden voelen) begon al meteen met de meest gekende, populistische methode: de ‘captatio benevolentiae’: het goed stemmen van het publiek zodanig dat men begint warme gevoelens te koesteren voor de spreker. Enige vleierij mag daarbij niet ontbreken.
Dus zei de afscheidnemende burgervader: “Ik ben een trotse burgemeester. Ik was graag verder uw burgemeester geweest, van een provincienest dat (nu) een voorbeeldstad in Vlaanderen is.” Het was waarlijk geen evidente keuze, omdat hij Kortrijk graag ziet. Dat u dat maar weet.

V.VQ. onderstreepte dit alles dan met de weidse advocatengebaren en stemverheffingen (met een enkele kortstondige pauze), eigen aan iemand die eigenlijk niet kan verbergen dat hij toneel speelt.
Tot de ‘pathos’ van een deskundige redevoering behoort dit overtuigingsmiddel tot het decorum. Niet voor niets hield Quickie zijn toespraak in de prachtige Beatrijszaal van het historische stadhuis, met op de achtergrond een kunstig glasraam en een rij indrukwekkend dikke boeken.

V.VQ. liet het natuurlijk niet na om enig medeleven, welwillendheid, zelfs medelijden uit te lokken bij zijn toehoorders. Dus moesten we aanhoren dat hij over zijn overstap naar Brussel lang heeft nagedacht, ja daar echt nachtenlang heeft van wakker gelegen, en met veel mensen over heeft gepraat. Ook met zijn vrouw. (Want wie gaat er nu de dochter naar school voeren?) Maar ja, “plicht roept en men kan niet aan de zijlijn blijven staan”.
En: “Wat we in Kortrijk doen met onze ploeg, moet ook in ons land mogelijk zijn.”

Naschrift.
Wat dat ook moge zijn wat u hier ter stede en in Brussel doet, dank u voor alles, titelvoerend burgemeester!

In een volgende editie van deze krant zullen we het nog hebben over uw beroemde én beruchte eigen “ethos”.



Over de persoonlijkheidsstructuur van onze nieuwe burgemeester (2)

Spoiler
Niemand van de redactie van kortrijkwatcher heeft ooit een woord gewisseld met de nieuwe burgemeester.

In het Kortrijks Staatsblad van 10 oktober (dat is de regionale editie “Leiestreek” van Het Laatste Nieuws) kreeg Ruth Vandenberghe acht vragen vanwege Peter Lanssens (lps) te verwerken waarvan toch de helft eerder van persoonlijke en niet van politieke aard waren. In elk geval ging de politica daar maar al te graag op in, terwijl men in een maideninterview met een persoon die een nieuw politiek mandaat toegewezen krijgt toch eerder verwacht dat men de focus legt op zijn politiek denken en handelen.
Van enige politieke overtuiging of ideologie is dus geen sprake.
Van Kortrijk “de beste stad van Vlaanderen” maken, dat aanziet Ruthie oftewel “”kordate hyrax” (ze verklapt ook haar bijnamen) als belangrijkste doel van haar ambt. Daartoe wil zij ervoor zorgen dat de grote stadsdossiers op de rails blijven. (Persjongen (lps) laat hierbij na om te wijzen op de uiterst lage lage realisatiegraad van de investeringen in de eerste helft van dit jaar en vraagt niet wat ze daar wil aan doen. Idem voor de vorige bestuursperiode.)

De nieuwe waarnemend burgemeester geeft nederig toe dat zij weinig ervaring heeft. Is dat wel juist?
Zij was:
– schepen gedurende 1 jaar en 10 maanden
– coördinator participatie (5 jaar en 5 maanden)
– projectmanager bij de SOK (7 jaar en 3 maanden)
– werkzaam bij de communicatiedienst van de stad (8 jaar en 3 maanden)
– werkzaam bij de persdienst van stad (2 jaar en 7 maanden)
Dat maakt dat onze nieuwe burgemeester al zowat 22 jaar “in de politiek zit” en veel te weten is gekomen over het reilen en zeilen in de stad en niet in het minst in het stadhuis. Kortom: zij weet alles over interne keukens.
Ruthie meldt nog als een voordeel dat zij een “politiek onbesproken blad” is. Ook dat kan men in twijfel trekken. Zij is namelijk rechtstreeks werkzaam geweest bij wijlen burgemeester Manu De Bethune en bij Stefaan De Clerck. Twee rasechte christen-democraten toch?
Mogen we uit dit alles besluiten dat er soms enige twijfel kan bestaan over haar geloofwaardigheid? (Waarom vertelt zij ook niet dat ze aan de Gentse univ van 1991 tot 1995 politieke wetenschappen heeft gestudeerd.)

De interviewer getuigt in zijn vraagstelling niet van enige kennis van wat men in de psychiatrie bestempelt als “structurele diagnostiek”. Dat is teveel gevraagd. Er komt weinig dieptepsychologie aan te pas. We krijgen wel te maken met een soort lichte “descriptieve diagnostiek” zodat we eerder wat losse karakter- en persoonlijkheidstrekken van onze burgermoeder te weten komen.
Zo eigent Ruth Vandenberghe zichzelf een hele rist deugden toe die goed van pas komen in de politiek.
We sommen ze op, in de volgorde waarop de burgemeester die zelf in het interview te berde brengt.
Ruthie is: stressbestendig, rationeel, kordaat, daadkrachtig. Is voorstander van een “no-nonsense aanpak”, naar het voorbeeld van de titelvoerend burgemeester Quickie.
Zij vertoont verantwoordelijkheid en leiderschap, is oprecht en spontaan, en een keiharde werker. Zij kan mensen enthousiasmeren, en leert snel bij.
Dat is al heel wat om over naar huis te schrijven, nietwaar?
Zij heeft verder nog wat menselijke deugden over die goed van pas komen in het werkelijke, gewone leven. Zij slaat graag met iedereen een babbeltje, is een fuifbeest (zonder de controle te verliezen!), is ook wel een beetje rebels en onbevangen.

Onze gemeenteraadwatcher heeft evenwel bij Ruth Vandenberghe in haar functioneren als schepen enige afweermechanismen kunnen waarnemen, dienstig om de integratie van haar persoon in stand te houden. (Die mechanismen komen helaas niet voor in het interview.)
Die gedragingen waren natuurlijk opvallend in dossiers waarmee zij het moeilijk had om die te verdedigen, zoals de sluiting van containerparken, het digitale “referendum” over autoloze zondagen. Dan bleek zij in haar optreden nogal obstinaat, deed aan verdringing, rationalisatie en ontkenning. Was ook kort van stof in deze materies.
Tja, je kan niet alles hebben.

Zo. Dat hebben weer even gehad.
Toch nog even een belangrijke politieke uitlating van onze Ruth.
We schreven hier al een keer dat we eigenlijk drie burgemeesters hebben: Vandenberghe , Van Quickenborne en Maddens.
Nu vertelt Ruth dat zij wekelijks gaat samenzitten met Quickie, Wout en Arne.
Dat is dus niets anders dan te bestempelen als een schaduwcollege alwaar beslissingen zullen vallen waar de schepenen van de SP.A en de N-VA niet zullen omheen kunnen.





Over de persoonlijkheidsstructuur van de nieuwe burgemeester (1)

Eerst een juridisch woordje vooraf.
Want het is dringend.
Vandaag 12 oktober alweer gemeenteraad, nu evenwel met na twee jaar (!) een nieuwe voorzitter, een nieuwe schepen, maar bovenal met een nieuwe waarnemend burgemeester ter vervanging van Vincent Van Quickenborne die, tegen alle plechtige en volgehouden beloften in, zich toch geroepen voelde om minister te worden. Dat “offer he can’t refuse”, weet je wel, geliefde Kortrijkse burger en kiezer?
Vandaag, en nog niet zovele uren lang geleden, kregen de raadsleden een hoogdringend bijkomend agendapunt in hun mailbox.
Het heeft immers niet veel gescheeld of de zitting van vandaag was in uiterste verwarring of zelfs chaotisch opgestart en waarschijnlijk uitgesteld.
Op de agenda stond wél dat men akte zou nemen van de wettelijke verhindering van de burgemeester in functie, maar daar tegenover werd er met geen woord gerept over een nieuwe waarnemend burgemeester en zijn/haar naam.
Dat kon ook niet, want weet wel dat Ruth Vandenberghe pas vanochtend (of was het over de middag?) bij de gouverneur de eed van waarnemend burgemeester heeft afgelegd. En dit kon pas, omdat – ook pas! – gisteren 11 oktober een Ministerieel Besluit van de Vlaamse regering haar tot burgemeester heeft benoemd.

Het is nochtans zo dat Van Quickenborne (alias ASAP) het bestond om al op donderdag 1 oktober tijdens een heel ochtendlijke persconferentie (en nog voor hijzelf de eed als minister had afgelegd) mevrouw schepen Ruth Vandenberghe als nieuwe waarnemend burgemeester aan de pers heeft voorgesteld. (Zijn ‘Team Burgemeester” of bestuur van zijn kiesvereniging wist natuurlijk nergens van.)

En waarlijk, sinds die dag heeft Ruthie (dat is haar koosnaampje) zich in de praktijk als een echte burgemeester in functie gedragen. Ja, moet kunnen, in een centrumstad als Kortrijk.
In het weekblad “De Krant van West-Vlaanderen” (9 oktober) staat letterlijk een uitgebreid embedded verslag te lezen van wat zij gedurende haar eerste (drukke) week tot en met donderdag 8 oktober zoal heeft uitgericht. Zij bleef haar taken als 7de schepen wel verder zetten (huwelijken voltrekken) maar gedroeg zich tegelijk ook als burgemeester. Bijv. hield zij ‘op film’ een toespraak tot haar stadsmedewerkers (intussen ook tot de bevolking). Verder heeft zij op maandag 5 oktober haar eerste schepencollege voorgezeten! Kan allemaal hoor.
Dit zijn inmiddels zaken of gebeurtenissen die al ietwat bepaalde facetten “verraden” van haar persoonlijkheidsstructuur. In “Het Laatste Nieuws” (10 oktober) zegt zij helemaal van en uit zichzelf dat zij kordaat is en daadkrachtig. En voorstander is van een no-nonsens aanpak.
En daarover wilden we het hier en nu juist toch hebben in deze krant: de persoonlijkheidstrekken van onze Ruthie? Excuses van de hoofdredactie.
‘t Zal voor een volgende keer zijn. Over een half uur (19 uur) start de eerste gemeenteraad met Ruthie als burgemeester en Helga Kints als nieuwe voorzitter. Dat willen we niet missen. Veel volk en pers te verwachten op Tinternet. Zal titelvoerend burgemeester Quickie er ook naar kijken?

Minister Vincent Van Quickenborne past de regels uit “Ars Rhetorica” toe: de logos (1)

Redactionele mededeling vooraf
Om zijn lange naam niet telkens opnieuw te moeten uitschrijven maken we er een eigen afkorting van : V.VQ. En als we het ons permitteren om wat gemeenzamer te zijn, noemen we hem gewoon Q of Quickie. Maar zijn bijnaam is wel ASAP
hoor.

Niet-Kortrijkzanen zijn hier waarschijnlijk weinig van op de hoogte, maar V.VQ heeft er zich – zowel bij de gemeenteraadsverkiezingen (2018) als bij de federale (Kamer)verkiezingen (2019) – plechtig toe verbonden om de gehele bestuursperiode uit te zitten als burgemeester van zijn geliefde centrumstad Kortrijk. In de tussentijd werd hij Kamerlid en zelfs VLD-fractieleider aldaar. Moet kunnen.
Door nu als vice-premier en minister van Justitie toe te treden tot de regering- De Croo heeft hij die dure belofte verbroken en moest hij naar overtuigende retorische middelen zoeken om zijn woordbreuk of zelfs als “verraad” bestempeld gedrag enigszins aannemelijk te maken voor alle politiek geïnteresseerde burgers.
Hij heeft geprobeerd om die onwaarschijnlijk grote imago-schade in politieke geschoolde milieus althans te beperken met een schrijven en een videoboodschap aan zijn teerbeminde Kortrijkse burgers. (Nog moeilijk te vinden op internet.)

Een kernboodschap hierbij was de uitspraak: “De plicht roept”.
“Als de premier Alexander De Croo mij vraagt, kan ik niet weigeren. Ik kan niet aan de zijlijn blijven staan.” (In werkelijkheid heeft natuurlijk de VLD-voorzitter Egbert Lachaert hem naar voor geschoven.)
Justitie is volgens V.VQ een zeer moeilijk departement, maar er ligt een miljoen klaar voor de modernisering ervan. Dat heeft dus meegespeeld in zijn beslissing om er in Kortrijk de brui aan te geven. Hij hoopt te kunnen helpen om het land weer sterker te maken om België door de grootste crisis sinds WOII te loodsen.
Wie kan nu zo’n grootse, verheven taak weigeren? Het besturen van een provinciestadje als Kortrijk is hierbij vergeleken peanuts. Triviaal. “Uitzonderlijke tijden vragen om uitzonderlinge oplossingen.”
Het is duidelijk: Quickie offert zich op voor de goede zaak.

Dit soort inhoudelijke argumentatie om zijn overstap naar het federale niveau plausibel te maken zou Aristoteles in zijn werk “Ars Rhetorica” rangschikken als een overtuigingsmiddel behorend tot de categorie “LOGOS”. Men beroept zich hierbij op een logische redenering die iedere billijke (redelijke, bedaarde, wijze ) mens wel als vanzelf moet aanvaarden.

Quickie maakt gebruik van nog een andere truc uit de retorische foor, weerom als een redelijk beschouwd overtuigingsmiddel, ook behorend tot de zgn. categorie “logos” van Aristoteles..
Hij zegt: “Ik ben niet weg.”
“De Kortrijkzanen kunnen op mij blijven rekenen. Ik kan ook in Brussel veel voor Kortrijk betekenen. Van een nieuw treinstation tot een nieuw voetbalstadion: ik zal zorg blijven dragen voor grote Kortrijkse dossiers.”
Tja, wat moet men daar nu van denken? Als men van enig politiek bewustzijn blijk heeft?
Ten eerste is de bouw van een sportstadion absoluut geen federale materie. Ten tweede zal hij voor dat nieuwe station zowel de minister van mobiliteit (Ecolo) als die van overheidsbedrijven (Groen) als de staatssecretaris van begroting (dat is wél zijn poulain) moeten overtuigen. En het Bestuur van de NMBS moet er geld voor over hebben!

Maar Quickie is toch een jurist?
Hij behoort te weten dat zijn betoog in deze zaak gewoon politiek amoreel is. Ja!
Een minister staat voor het algemeen belang, voor ‘s lands belang zeg maar, en moet zich niet specifiek preoccuperen met puur plaatselijke besognes.
Kijk. Uit nieuwsgierigheid hebben we een keer de agenda van alle federale ministerraden van dit jaar bekeken. 33 in het totaal, gaande van 10 januari tot en met 25 september. Wilden namelijk weten in hoeverre federale ministers zich wekelijks onledig houden met gemeentelijk beleid. Daarover vergaderen.
Ja, we vonden enkele besluiten die onrechtstreeks – maar dan wel in het algemeen – gemeentelijke financiën kunnen beïnvloeden. Subsidies of toelagen voor politie, hulpverleningszones. Nu Covid-19 steunmaatregelen. En natuurlijk dossiers van de Regie der (federale) Gebouwen (de gevangenis van Dendermonde bijvoorbeeld).
Quickie weet dat er bij de zesde staatshervorming een enorm lange lijst van overdrachten van bevoegdheden van de federale staat naar de gemeenschappen en gewesten is geschied: gezinsbijslag, gezondheidszorg, arbeidsmarkt, verkeersveiligheid, de huurwet, de justitiehuizen (!), jeugdsanctierecht (!), sociale economie, grootstedenbeleid (!), rampenfonds, enz.
Positief voorstel. Alweer.
In de komende Kortrijkse gemeenteraden kan V.VQ als raadslid voor de volgende vier jaar maandelijks komen vertellen wat hij als minister heeft gedaan gekregen voor zijn beminde Kortrijk. Dat is dus afgesproken!

P.S.
We moeten het in volgende edities nog hebben van de ‘ethos’ en de ‘pathos’ die V.VQ hanteerde bij zijn afscheid als burgervader van Kortrijk
.








Kortrijk: de enige centrumstad met drie burgemeesters

Hoezo? Drie?
Welja, minister Vincent Van Quickenborne blijft titelvoerend burgemeester én gemeenteraadslid. Zijn ADHD-achtige dadendrang, waarbij alles ASAP moet gebeuren, brengt mee dat hij zich ook continu zal bemoeien met het Kortrijkse beleid. Het zou ons totaal niet verbazen dat hij zelfs een medewerker van zijn Brussels kabinet de opdracht geeft om Kortrijkse dossiers voor hem op te volgen. (Zijn politiek moraliteitsbesef is tot nul te herleiden.)
En de waarnemend burgemeester, de nieuwe gemeenteraadsvoorzitter, de fractieleider van zijn kiesvereniging “Team Burgemeester” mogen zich dag en nacht verwachten aan telefoons en mails van zijnentwege, eindigend met de uitroep ASAP.
De vraag dient ook nog gesteld in hoeverre de waarnemend burgemeester haar eigen kabinet zal mogen samenstellen.

Voormalig schepen Ruth Vandenberghe wordt dus waarnemend burgemeester. Zij mag zich blijven bezig houden met peuken, containerparken en inwonersbevragingen. Kranten schrijven dat schepen Wout Maddens helemaal niet jaloers is dat hij voor de volgende vier jaar niet is aangeduid als waarnemend burgemeester. Dat is om te lachen?
Iedereen weet toch dat Maddens (met zijn machtige bevoegdheden, zijn mandaten en ervaringen) de vaste partner is van Ruth, waarnemend burgemeester? Waarover zal dit paar het hele dagen én zelfs nachten onder mekaar hebben, denkt u? Toch over de Kortrijkse politiek?
Vandaar dat we zeggen dat Kortrijk nog een derde burgemeester heeft: de genoemde Wout Maddens. En dat is niet om te lachen, Wout kennende.

Quickie heeft dus woordbreuk gepleegd.
Tot tweemaal toe heeft hij plechtig en openbaar verklaard dat hij tot het eind van de legislatuur zou burgemeester blijven. Die belofte was zelfs een belangrijk argument in zijn kiescampagne. Hij zou geen “verraad” plegen zoals Stefaan De Clerck (die tussen haakjes zo geen belofte ter zake deed). Intussen werd Vincent wél federaal parlementslid en daarenboven VLD-fractieleider in de Kamer. Taken die nauwelijks zijn te combineren met het burgemeesterschap van een centrumstad.
Woordbreuken zijn in de politiek schering en inslag. In het gewone leven kunnen ze leiden tot rechtszaken of tot vechtpartijen en moorden.
Voor Quickie zal de woordbreuk (soort ambtsmisdrijf eigenlijk) praktisch zeker tot gevolg hebben dat hij zich bij de volgende gemeenteraadsverkiezingen van 2024 niet meer kan laten uitroepen tot lijsttrekker én kandidaat-burgemeester.
Maar geen nood. Dat is ingecalculeerd. We hebben het sterke vermoeden dat er al geruime tijd binnenskamers is beslist dat Ruth Vandenberghe in 2024 de lijsttrekker zal worden van de volgende kiesvereniging. Ruth is nu goed gelanceerd.
De woordbeuk van Quickie wordt dan omgezet in een regelrechte vaandelvlucht…

P.S.
Bij zijn “afscheid” heeft Van Quickenborne zich met een open brief en een plechtige toespraak gericht tot de Kortrijkse bevolking. In een volgend stuk gaan we na in hoeverre hij de middelen van overtuigingskracht heeft aangewend zoals die door Aristoteles zijn beschreven.: de ethos, de pathos en de logos.
En, is het hem ietwat gelukt?

Vindt burgervader Quickie zijn Kortrijkzanen ietwat politiek idioot? (2)

Gisteren vertelden we dat Q ons via zijn lijfblad ‘Het Laatste Nieuws’ (5 augustus) wil wijsmaken dat hij camera’s met geluiddetectie zal installeren om luidruchtige en te snelle optrekkende of racende wagens te pakken te krijgen. Dat er geen gesprekken zullen opgenomen worden. Dit is volkomen in tegenspraak met het programma “Kortrijk Beste Stad van Vlaanderen” waarbij als doelstelling geldt dat men met dit soort camera’s nog beter criminelen wil te pakken krijgen. Criminelen dus. Dat zijn geen onnozelaars die rijden zonder knalpot.

Nog in HLN van 5 augustus heeft Quickie het over de verdere verlaging van de Leieboorden. Meervoud, terwijl we altijd dachten dat het enkel gaat om de verlenging (“vernieuwing”) van de Dolfijnkaai tot aan Kortrijk-Weide.
Onze burgervader koos daarvoor alweer Peter Lanssens als gesprekspartner, een gedweëe persjongen en politiek analfabeet, waarmee onze Q als politieker voor geen enkele weerwerk hoeft te vrezen. (Daar houdt hij wel van. Bij tegenspraak steekt hij in dan een doorzichtige theatrale woede.)
Via de gazet konden onze raadsleden vernemen dat de Vlaamse Waterweg financieel ook aan dit project niet meer deelneemt want men wil van die kant nu eerst de Leiebrug herstellen en dat kost op zichzelf al 2 miljoen.

Er is nog een “plotwending” in het dossier, zo vernemen de raadsleden alweer via de gazet, het ‘Kortrijks Staatsblad’.
De “verdere verlaging van de Leieboorden” (zo genoemd) kost ondertussen 8 miljoen terwijl de raming voor “het doortrekken van de Leieboorden” (zo genoemd) volgens het meerjarenplan (actieplan 9.1.1, pag. 141) 7.680.000 euro bedroeg.
Er waren ook voor 2.150.000 euro ontvangsten voorzien. Die vallen nu blijkbaar weg. Saldo voor stad: 5,53 miljoen.
Onze burgervader wijkt dus weeral af van de waarheid (om het maar braaf te stellen) als hij kond doet dat die 8 miljoen “haalbaar is en STAAT INGESCHREVEN in onze begroting”.

Peter Lanssens meldt nog dat de kostprijs van 8 miljoen “het Team Burgemeester en N-VA niet afschrikt”. (Merk op dat de SP.A die deel uitmaakt van de tripartite niet voorkomt in deze zin.)
Er moet nochtans een diepe put worden gevuld.
Oorspronkelijk zou die doortrekking van de Leieboorden aan Stad vanwege de deelname van de Vlaamse Waterweg slechts 5.530.000 euro hebben gekost.
Hoe zal men die put dan wel vullen?
Peter Lanssens vraagt er niet om, maar de burgervader laat uitschijnen dat de passantenhaven aan de Vismarkt er voorlopig of helemaal niet komt. Het bedrag van die besparing krijgen we niet te horen. Burgervader zegt dat er een “inham” komt aan de Reepkaai. (De ‘jachthaven’ komt dan later aan de tip van het Buda-eiland?)
Peter Lanssens laat maar betijen en herleidt daarmee ook zijn lezers tot politieke analfabeten. “Polibeten”.

P.S.
Het wordt tijd dat een raadslid even vraagt welke investeringen uit het meerjarenplan nu al volledig of gedeeltelijk zijn geschrapt of verdaagd. En hoeveel ontvangsten we daardoor al hebben gemist. Er moet alleszins nog dit jaar een gemotiveerde budgetwijziging komen. Niet louter “technisch”.
We zijn geen idiote polibeten!