Kortrijks OCMW voert nieuwe berekening in voor aanvullende steun (3)

Wie is de  doelgroep bij de mogelijke verhoging van aanvullende steun?
De gazetten wekken met hun titels alleszins verkeerdelijk de indruk dat het enkel gaat om leefloners.  Ja, de aanvullende steun gaat in eerste instantie naar gerechtigden op leefloon en steun equivalent leefloon, maar men maakt geen voorbehoud voor mensen die een ander inkomen hebben en volgens de berekening (referentiebudget volgens gezinssituatie) in aanmerking komen.

Er zijn voorwaarden tot toekenning steun !
–  Er moet een duurzame verblijf- en woonsituatie worden bewezen.  Mensen met tijdelijk verblijf en daklozen komen niet in aanmerking.  Evenmin mensen zonder legale verblijfplaats, met uitzondering voor kinderen ten laste waarvan de verblijfsituatie nog niet geregulariseerd is
–  Rechten op andere uitkeringen zijn uitgeput.
–  Transparantie over ALLE inkomsten van ALLE gezinsleden.
–  Inzet op daling van de uitgaven is nodig.  Bijv. inschrijven voor en sociale woning, overschakelen naar gunstiger energiecontracten.

En wie komt er in het geheel niet in aanmerking?  
–  Schorsingen in het recht op werkloosheidsuitkeringen .
–  Schorsingen in het recht op ziekte- of invaliditeitsuitkeringen.
–  Personen onder elektronisch toezicht.
–  Studenten.
(…)

P.S.
Naar schatting zouden er 170 dossiers in aanmerking komen.
Aanvullende steun kan er pas na 3 maanden komen,  – tijd nodig om de sociale situatie volledig in kaart te brengen.

Hoe hoog bedraagt de aanvullende steun?
Er is een kritische grens:  de aanvullende steun wordt afgetopt zodat het inkomen in totaal nooit het minimumloon overstijgt.  Er moet nog altijd een kloof zijn tussen een inkomen uit werken en een vervangingsinkomen om de werkloosheidval te vermijden.
Het spanningsveld tussen het minimumloon en  het ‘Kortrijks Menswaardig Inkomen’  (KMI) zou 35 procent kunnen bedragen voor alleenstaanden, 25 procent voor koppels en gezinnen met uitsluitend meerderjarige kinderen,  en 15 procent voor gezinnen met minderjarige kinderen of één meerderjarig studerend kind ten laste.
Het gemiddeld bedrag in opleg op leefloon zou 114 euro bedragen.  (Er circuleren andere bedragen in de kranten.  Op de website van de landelijke SP.a bijv. 125 euro.)
Méérkost op het OCMW-budget: een kleine 205.000 euro per jaar.

 

Kortrijks OCMW voert nieuwe berekening in voor aanvullende steun aan leefloners (2)

Op donderdag 5 juli viel hierover een beslissing in de OCMW-raad.
De klassieke drie lokale persjongens (die zelfs de toelichting bij de agenda van de Raad niet lezen) zijn hierover traditioneel al van tevoren ingelicht  – en tot ze het allemaal verstaan-  door de OCMW-voorzitter Philippe De Coene (SP.a), maar waren zo journalistiek-deontologisch zo kies om daar pas  de dag erna , op vrijdag 6 juli hierover te berichten.

Meest inslaande kop stond in “Het Nieuwsblad”:  “Leefloners kunnen tot 400 euro meer krijgen als ze werk willen zoeken”.  En in “Het Laatste Nieuws” laat de OCMW-voorzitter uitdrukkelijk weten dat het niet gaat om een verkiezingsstunt.  “We zijn er al meer dan een jaar mee bezig (…) en tijdens de jaarwisseling zijn we een kijkje gaan nemen in Gent waar het systeem al werkt'”.
(Ter info.
In Gent is de nieuwe berekeningsmethode ingevoerd door de OCMW-voorzitter en schepen Rudy Coppens (12 bezoldigde mandaten en 14 onbezoldigd).  Hij is nu ook lijsttrekker en kandidaat-burgemeester bij de volgende verkiezingen.
Tot daar.)

In september 2013 heeft ons OCMW beslist om de tool REMI aan te wenden voor de begeleiding van ‘cliënten’ in budget- en schuldhulpverlening en om de webapplicatie aan te wenden als  referentiekader om aanvullende steun toe te kennen.  REMI staat voor “Referentiebudget voor een Menswaardig Inkomen” en is ontwikkeld om een antwoord  te vinden op de vraag  hoeveel inkomen een gezin nodig heeft om op een menswaardige manier te kunnen participeren aan de samenleving.
Maar REMi houdt gen rekening met de minimumlonen en is een ingewikkelde berekeningstool zodat ons OCMW tot nu toe slechts zeer selectief een recurrente maandelijkse steun toekende.  Zo genoten in 2017 bijv. slechts 73 cliënten van REMI.  En het ging zeker niet noodzakelijk om leefloners.

In navolging van Gent (en Roeselare) zal ons OCMW vanaf september dit jaar een vlotter, rechtvaardiger en meer gestandaardiseerde aanpak en beleidslijn voor aanvullende steun toepassen.
Men zal daarbij gebruik maken van een computermodel van het ICT-bedrijf LOGINS uit Mechelen.

In onze lokale gazetten van 6 juli wordt telkens (door de OCMW-voorzitter) benadrukt dat enkel wie  actief een job zoekt een hoger leefloon krijgt.  Maar met de applicatie REMI primeerde ook al het activeringsprincipe!  Cliënten werden in eerste instantie begeleid in het uitputten van hun rechten en het verwerven van een inkomen op basis van eigen inspanningen.

Wellicht zal er met het nieuwe systeem nog intensiever worden ingezet op doorstroming naar tewerkstelling en zal men zelfs aanvullende steun weer intrekken indien er onvoldoende inspanningen worden geleverd op vlak van activering.  Schorsingen in het recht op werkloosheidsuitkering, niet naleven van afspraken met maatschappelijk werkers of trajectbegeleiders, uitoefenen van irregulier werk,…, zijn aanwijzingen om geen aanvullende steun toe te kennen of in te trekken.

(Wordt vervolgd.)

 

Kortrijks OCMW voert nieuwe berekening in voor aanvullende steun aan leefloners (1)

Staat vandaag op de agenda van de OCMW-raad.
In de gazetten zult u daar pas over lezen als d e OCMW-voorzitter hieromtrent een nota stuurt naar onze lokale pers.  (Ongetwijfeld met foto van hem en enkele hiertoe aangemaande genodigden.)

Algemeen wordt aangenomen dat de bedragen van het leefloon te laag zijn om volwaardig te kunnen participeren aan het maatschappelijk leven.
Voorheen berekende ons OCMW  aan de hand van een tool  genaamd REMi (Referentiebudget voor een Menswaardig Inkomen) de nodige aanvullende steun voor bepaalde leefloners.   In 2017 genoten hiervan 73 “cIiënten” (eigenlijk niet noodzakelijk leefloners, maar bijv. ook personen met een zware schuldenproblematiek).

Nu wil ons OCMW een rekensysteem invoeren dat al in Gent en Roeselare wordt toegepast.
Eind 2017 waren er hier 851 dossiers Leefloon- equivalent leefloon op dagbasis.
In het nieuwe systeem zouden vanaf september daarvan 20 procent (170 dossiers) in aanmerking komen voor een vorm van aanvullende steun.
Gemiddelde opleg 114 euro per maand.
Raming meerkost voor het OCMW-bugtet ca. 205.000 euro.

P.S.
Méér nieuws hierover als we de gazetten hebben gelezen.

De beste plaatsen op de lijst voor de gemeenteraadsverkiezingen

Binnen alle partijen is men nu natuurlijk – en meestal in de duik – bezig met de lijstsamenstelling.  In Kortrijk zijn  de koplopers gekend en soms ook de lijstduwers.
Dat zijn natuurlijk de beste plaatsen, samen met de eerste drie.  Hoogstens vijf.
Volgens het Belgisch Staatsblad van 19 februari telt  Kortrijk 76.242 inwoners en hebben we dus weer recht op 41 raadsleden (met daarin maximaal 7 schepenen).

In Kortrijk stemmen we met de stemcomputer en een volledige lijst van 41 kandidaten wordt op het beeldscherm dan weergegeven in drie kolommen van 14, nog eens 14 en dan 13.
Goeie (opvallende) plaatsen in de eerste kolom zijn dus de nummers 1 en  14.  In de tweede kolom nr.  15 en nr. 28 en in de derde kolom nr. 29 en 41.