Herconditionering van de concertstudio: kosten

Volgens een bericht op de Kortrijkse website starten morgen de werken aan het muziekcentrum TRaCK, meer speciaal de concertstudio. Later fases (bijv. de popzaal van De Kreun) volgen nog.
De offertes voor de werken moesten binnen op 28 november vorig jaar. Tot op de dag van vandaag staan de aanbestedingen nog altijd te lezen op de website van Stad.

Hierbij enige cijfergegevens, zodat we in de toekomst allemaal kunnen nagaan hoeveel het project uiteindelijk zal kosten, vergeleken met de oorspronkelijke ramingen.
Het College heeft op 18 juli 2006 al bedongen bij de ontwerper dat de eerste fase – officieel genoemd: “herconditionering van de Concertstudio” – zeker niet meer mag kosten dan 1.635.000 euro. Dit om binnen het budget te blijven voorzien in de begroting 2006. Maar die begrotingspost (art. 73410/723-60) voorzag slechts 1 miljoen! En daar was toen ook nog sprake van een cafetaria. En de post moet ook het honorarium van de ontwerper financieren: 146.400 euro. (Krijgen we die subsidie van 51.600 euro wel van Interreg IIIB?)

Ontwerper is Dial Architects uit Nederzwalm. Schepen Bral maakte deel uit van de jury bij die keuze.

Nu goed.
Volgende gemeenteraad weten we meer over de begroting 2007.

In elk geval blijven we met die eerste fase nog binnen het vooropgestelde bedrag van 1,63 miljoen. We zitten voorlopig aan 1.544.109 euro.

Lot 1 gaat over de “ruwbouw en afwerking” en is toegewezen aan de firma BVBA H. Hugelier uit Gullegem.
(Vandaar dat schepen Bral dan bij die keuzes voor werken altijd opnieuw het College moet verlaten.)
Het geraamde bedrag was 1.051.515 euro. Met 1.060.785,99 euro is er slechts een overschrijding van 0,8 procent. Hoe dat eigenlijk allemaal lukt…

De kosten voor Lot 2 bedragen wel 18 procent méér dan oorspronkelijk werd geraamd. (Moet dit dan niet voor de gemeenteraad komen?) Het gaat om HVAC en sanitair. Gegund aan de firma Vandewalle NV uit Jabbeke voor 264.716,06 euro. Oorspronkelijk dacht men aan 222.735,59 euro.

Lot 3 is elektriciteit. Gegund aan NV Electro Enterprise uit Gullegem voor 218.607,02 euro. Was geraamd op 214.811,30 euro. De inschrijving is 1,8 procent hoger dan de raming.

In het totaal lopen de kosten dus op van 1,48 miljoen naar 1,54 miljoen. Dat is nog niet erg. We gaan zien of er geen problemen zijn met de riolen of met asbest. Of de aannemers tot hun spijt geen noodzakelijke meerwerken zullen ontdekken.
Keep in touch ! Misschien komt er nog ergens een groen dak op.

Tot ziens aan de definitieve oplevering.
Waar we nooit het bedrag van zullen weten. (Staat nooit in de notulen van CBS.)
Ik zeg u: nooit. Zie de kosten van het nieuwe stadhuis.
Schepen Johan de Bethune geeft daarover geen uitleg meer. Wordt er ook niet om gevraagd. Tricky.

P.S.
Die cijfers achter de komma zijn aandoenlijk. 0,99.
Wat er totaal niet te verstaan is: hoe kan het stadsbestuur een zo nauwkeurige raming maken? Overal al die dingen. Uit eigen bestuurskracht. Slagkracht?
Dat zou ik wel eens willen weten. En waarom ze soms missen. Zich al of niet vergissen.
Door wie worden al die ramingen (over grote projecten) gemaakt? Dat ik het niet weet, jongen.
Ik durf het zelfs niet vragen.

Dat is nu wel politiek.

Over den 100, den 101 en het ballistisch schild

Het moet nu een keer gedaan zijn.
In de hulpcentra, zowel den 100 als den 101, komen (per jaar) een hoog aantal nodeloze oproepen binnen. Eén (1) van de oorzaken is zeker dat een groot gedeelte van de bevolking niet weet waarvoor elk noodnummer staat.
Het is bijgevolg van primordiaal belang dat de bevolking over voldoende correcte informatie m.b.t. de noodnummers beschikt. De politiezone VLAS wil er werk van maken om deze “boodschap” zo eenvormig mogelijk te verspreiden.

Weet dit goed.
Binnen de provincie West-Vlaanderen bestaat er slechts één hulpcentrum 100 en één hulpcentrum 101. Beide zijn gesitueerd in Brugge, respectievelijk in de brandweerkazerne aan de Pathoekweg en bij de federale politie van de Zandstraat.
Met andere woorden: wanneer je binnen West-Vlaanderen het nummer 100 of 101 belt, kom je terecht in Brugge. Van daaruit wordt de oproep dan doorgegeven naar het lokale transmissiecentrum van de dienst 100 en 101 in uw buurt.

Woon je in het zuiden van onze township (Bellegem bijv.) dan kan het wel eens gebeuren dat je dan iemand uit Pecq aan de lijn krijgt die uw pover Frans niet verstaat. Dat komt omdat uw GSM-signaal is opgepikt door een mast in Henegouwen die dan in eerste instantie uw hulpgeroep doorschakelt naar de Henegouwse centrale in Mons. VLAS is van dit probleem op de hoogte. Er is arover op 13 juni vorig jaar op federaal niveau overleg gepleegd, maar daar is sindsdien niets meer van vernomen.

Maar wat te doen als je doof bent?
Luister goed.
Eerst laat u zich registreren bij de PZ VLAS via een standaardformulier. (Formulier nog niet gevonden op de website.) U kan hierbij assistentie krijgen bij inspecteur Marc Coppens, een expert in gebarentaal tijdens de bureau-uren of na afspraak. Na uw registratie ontvangt u het GSM-nummer van de politie waarop u een SMS kunt zenden. Daarbij ontvangt u nog een geplastificeerd kaartje in broekzakformaat met daarop een lijst van gebruikte afkortingen. Altijd bijhebben.
Als fervente chatter en SMS’er zou ik dat kaartje wel eens willen zien. Staat ASAP ook op het lijstje? En wat moest bewezen worden?

Stel dat u een politietussenkomst of een feit wil melden. Dan zendt u een SMS naar het GSM-nummer van de politie door middel van afkortingen. Politie zal dan een bericht terug sturen met de bevestiging van ontvangst, de aanrijtijd en/of een antwoord op uw melding. Lezen! Ook al gaat het om een oogkwetsuur.

Belangrijk is dat u eerst de gemeente vermeldt waar u zich bevindt. Weet je het niet, dan moet u dit maar vragen aan iemand. Bij verkeersongevallen met gekwetsten het aantal opgeven (zwaar of licht – maak zelf het onderscheid) en het aantal betrokken voertuigen. Bij misdrijven (vechtpartijen bijv., een overval) altijd het aantal vermoedelijke of vermeende daders vermelden (in cijfers? afgekort?). Ook vertellen of zij nog ter plaatse zijn en of er eventueel wapenvertoon is. Afkorting: WVT. Niet WTV want aldaar weet men al vòòr jou wat er is geschied.

Niet te verstaan is dit. Maar dit was voor doven.
De politie wil voor horigen duidelijkheid scheppen over het gebruik van noodnummers. Welnu, bij een ongeval met gekwetsten moet je de 100 bellen (medische hulpverlening) en NOOIT NIET de politie (101).

Het zit zo.
Den 101 dient voor dringende politionele hulp bij volgende gevallen: ongeval zonder gekwetsten, belangrijke verkeersbelemmering, het signaleren van een spookrijder (ook als hij doof is), criminele feiten (waarvan men getuige is), diefstallen, vechtpartijen, e.d.m.

Den 100 dient uitsluitend voor dringende medische hulpverlening. Dus niet in geval u uw gehoorapparaat gestolen bent. Wel voor ziektetoestanden of ongeval thuis. Een verkeersongeval met gekwetsten. Een werkongeval. Dringende bevallingen, e.d.m.
100 ook gebruiken bij brand, overstroming, rampen. Zelfs al zijn er geen gekwetsten.

Een acuut zieke dove daarentegen SMS’t wél naar de politie.

Zo. Dat is eenvormige communicatie.
Gisteren was er politieraad.
Daar werd aan de nieuwe raadsleden de werking van de zone uitgelegd sinds de politiehervorming. Staat allemaal op internet en ook op de (heel informatieve) website van VLAS.
Wist ik veel dat er hier sinds begin 2003 een interventiegroep TARES bestaat. (Niet gevonden op de website van VLAS.)
Die moet optreden in geval van crisis-reactie. Rampen, zware ordeverstoringen. Ook bij gerechtelijke acties met verhoogd risico.
De interventiegroep beschermt zelfs magistraten als er een proces is op locatie. Beschermt speciale transporten.

Ik vraag me af of andere politiezones ook over zo’n TACTICAL RESPONSE beschikken. TARES is waarschijnlijk opgericht omdat er hier vroeger al een groepje krachtpatsers binnen de politie bestond: de eenheid IKOR genaamd. Die herinner ik me nog levendig.

Het is van de zotte.
Op internet kun je zelfs meerdere foto’s vinden van onze eigenste Kortrijkse TARES in actie. Foto’s genomen door ene Danny Dewaele. De gezichten zijn wel onherkenbaar gemaakt. Je herkent ze direct.
Je ziet er ook ontwerpen van kentekens: leeuwen en tijgers staan erop.
Minstens 7 van de 58 leden zijn continu standby. Zo is het te begrijpen waarom u al jaren geen wijkagent hebt gezien. Hij maakt deel uit van de cohorte. Falanx. Leden zijn nog uitgerust met een dij-holster, een tactische overal, bivakmuts, tactische vest, enz.
Zie www.belgian-patches.be/Tares-NL.htm.
Haast u maar naar deze site, want als de vrouw van onze korpschef dit leest zullen die enerverende prentjes algauw van het scherm verdwijnen.

Gisteren kreeg TARES een ballistisch schild. Zeg!
De meeste raadsleden dachten dat het ging om een anti-rakettenschild. Tegen Moeskroen.
Wat men met één zo’n schild gaat uitvoeren bij zware rellen (Buda) is me een raadsel.
In de politieraad werden geen foto’s getoond van het schild. Kan men er doorheen kijken? Weegt het spul 20 kilo? Staat er een paraplu op? (Niet te dragen door een vrouwelijke inspecteur.)
Politieraadsleden vragen zich dat allemaal niet af. Zijn content dat ze dit nog allemaal mogen meemaken, mits presentiegeld.

Het type van schild zal allemaal wel in het bestek beschreven staan, maar geen politieraadslid weet de dossiers liggen.
Ik zeg u : geen één.
Meerdere schilden kopen is uitgesloten. Kostprijs (raming) van het beoogde type: 20.000 euro. (P.S. Een burger kan normaliter geen ballistisch schild kopen. En niet omdat de werkelijke prijs weleens kan oplopen tot een miljoen BEF.)

Dus. Besluit. Ziet u een gekwetste agent in burger met een schild, bel de 100. Vindt u dat dit niet mag, dan de 101.

Nogal wat van onze inspecteurs en chefs vooral houden van gadgets. Hondjes zijn in onbruik geraakt. En maar fietsen.
Zou VLAS nu al in het bezit zijn van een eigen frankeermachine? Vroeger althans moest men daarvoor naar het stadhuis.

De HIVA-studie (3): over de kosten van de sociale economie

De Hiva-studie onderschepte 29 sociale economie-projecten. Kanaal 127, de Waak en de Werkwinkel niet meegerekend. (In werkelijkheid zijn er meer.) En waar zijn de CAW’s gebleven?

Het totale budget (subsidies plus omzet) wordt op basis van mij onbekende indicatorenfiches voor 2004-2005 geraamd op 11.917.119 euro. Maar in een voetnoot hierbij zegt men dat de gegevens onvolledig zijn.

Voor de werkvorm “degressieve subsidiëring” gaat het om 4,2 miljoen. Bij volgende invoegbedrijven: Car Cleaning Service, Clarus, dienstenhuis Oost West, Het textielhuis c.v.b.a., IMOG, Mobile Environmental Care, Makkie, Sherpa Personal Delivery, Skateconstruct.
(Details per ‘initiatief’ niet medegedeeld. En dat geldt ook voor de andere initiatieven hierna.)

De maatwerkbedrijven die vallen onder “permanente subsidiëring” gaan om met 3,9 miljoen euro. Slaat op: Constructief, De Bolster, Kringloopcentrum, Mobiel.

Initiatieven die lijden onder “tijdelijke subsidiëring” hebben een budget van 3,2 miljoen. Dat is voor Fietsrijk/Kantwerk, Jongerenatelier, Mentor, Oranjehuis, Speel-O-kee, Werkpunt/De Poort.

De zgn. “nieuwe diensteneconomie” moet het volgens de HIVA-studie stellen met 485.215 euo. Hier gaat het om Buurtdiensten, De Speelhoek, Mobiel, Karweibedrijf, Werkpunt/De Poort (project begraafplaatsen).

Dat klopt allemaal niet, zelfs al zijn de gegevens “onvolledig”.
Zie bijvoorbeeld alleen al de budgetten voor de Buurt- en Nabijheidsdienst, zoals alhier uiteengezet in stuk van 27 oktober 2005.
Zie alles onder de rubriek ‘sociaal’.

Hoe zit het nu met de tewerkstelling? De jobcreatie met die vooropgestelde 11,9 miljoen ?
Volgens HIVA zorgden de 29 aangehaalde initiatieven in de sociale economie voor een tewerkstelling van 459,5 doelgroepenwerknemers en 96,5 omkaderingspersoneel. Totaal: 556 tewerkgestelden. Daarnaast waren er nog 1.460 personen “betrokken” in begeleiding, assessment, korte opleidingen en brugprojecten.

Klopt dat?
Geen idee.
In maart 2006 – dat is nog vóór het verschijnen van de HIVA studie – vierde schepen Lybeer de 1000ste werknemer. Als we aannemen dat HIVA werkte met cijfergegevens van 2005 betekent dat een verdubbeling in één jaar tijd.
De gegevens zijn trouwens niet te controleren. Op de sociale kaart (SOKA) vertikken al die vzw’s en cvba’s het om aan te duiden hoeveel beroepskrachten (omkaderingspersoneel) zij tewerkstellen. En als ze dan een website hebben, verneem je ook niets over het aantal doelgroepwerknemers. (Over de financiering natuurlijk ook geen woord.)

SWOT

Het HIVA-rapport was echt niet van plan om de werking van de sociale economie alhier te evalueren.
Niettemin is er toch wat aan SWOT-analyse gedaan: sterkten, zwakten, kansen en bedreigingen?

Ja, er is een gebrek aan transparantie voor de buitenwereld.
Ja, in de diensteneconomie is er een leemte aan kwaliteitszorg.
Ja, ouderen en allochtonen zijn ondervertegenwoordigd in de initiatieven.
Ja, er is politisering.
Ja, de bedrijfseconomische invalshoek (management) is te weinig aanwezig.
Ja, er is parallele dienstverlening.
Ja, er is territoriumstrijd.
Ja, er is soms “gebrek aan slagkracht” (de Werkwinkel).
Ja, de criteria voor aanwending van de financiële middelen (cf. Fonds Sociaal Kapitaal) zijn nog onvoldoende geëxpliciteerd en de procedure is weinig transparant.
Ja, de registratie van gegevens is te weinig verifieerbaar en te veel gericht op het bekomen van subsidies.

En ja: er zijn “conflicterende benaderingen” en er is versnippering van het regisseursschap.
Stad, OCMW en Kanaal 127 zijn zowel betrokken als actor en regisseur in het gevoerde beleid. Een duidelijke uitklaring van rollen dring zich op om belangenconflicten en blokkeringsmechanismen te vermijden.
Kortrijkwatcher zegt dat al lang, wordt daar niet voor betaald, en kan hierdoor gezwind beschouwd als een negativo.

HIVA schippert nogal bij de vraag of nu Stad of het OCMW dé regisseursrol moet vervullen in de sociale economie. En stelt dan maar een warrig “klaverbladmodel” voor. (De term “sociaal huis” komt niet voor in de studie. DE VDAB bestaat ook niet.)

En toch.
Het is aangewezen om de sociale economie in het organogram van de stad een duidelijke plaats te geven.
“Voor Kortrijk zou de meest verregaande herstructurering deze zijn van een aparte directie ‘Werk en Economie’, waaronder werkgelegenheid, sociale economie en economie vanuit één directie worden aangestuurd.”
Beleidsbepalend en coördinerend.
Het OCMW en onze plaatselijke “professionelen” (Piet Lareu, Ronny Declercq, Bart Wulbrecht, Willy Vandamme, Stijn Tanghe, Rik Desmet) zullen dit met enige consternatie aanhoord hebben. Alhoewel.
Geen nood. Het amalgaam zal blijven bestaan. Niet enkel om allerhande particuliere-bedrijfseconomische en electorale ACW-belangen te vrijwaren.
Gewoon omdat Stad die ambitieuze regierol inzake ‘werk en economie’ niet eens aankan. Zelfs niet moet aankunnen. Het is geen kerntaak van een gemeente.

______
De stukken over de HIVA-studie kaderen in het 30-jarig bestaan van de OCMW-wet.
Zoals al gemeld wordt dit op 9 maart gevierd te Brussel, tijdens het Feest van de Sociale Economie. Voor het eerst wordt daar een Manager Sociale Economie 2007 bekroond.
Geen Kortrijkzaan genomineerd.
De winnaar ontvangt een bedrag van 5.000 euro waarmee hij volgens een persbericht van staatssecretaris Els Van Weert een personeelsfeest kan organiseren.

Over de HIVA-studie over sociale economie in Kortrijk (2)

Het Hoger Instituut voor de Arbeid (HIVA) heeft in opdracht van Stad een onderzoek uitgevoerd. (Zie infra, stuk van 21/02.)
HIVA is een onderzoeksinstituut aan de KUL, maar zeer sterk gelieerd met de christelijke arbeidersbeweging. In de Raad van Bestuur zetelen afgevaardigden van het ACW, ACV, de CM, KAV, ARCO. Het is van belang om dit te weten bij de lectuur van het rapport over de sociale economie ter stede. Heel deze sector alhier is puur in handen van het ACW en schepen Lieben Lybeer. En zoals de schepen nu weet (en de burgemeester ook) brengt dat ontzaglijk veel naamstemmen op.

Stad heeft 27.500 euro voorzien voor het onderzoek. Er zijn blijkbaar ook Europese subsidies geweest want op de kaft van het document prijkt het logo van “EQUAL”.

Titel van de studie: “Werkgelegenheid en sociale economie: de rol van lokale overheden.” (Dit wijst erop dat hele delen van de studie ook op andere steden kunnen geplakt.) Ondertitel hier dus: “ambities, mogelijkheden en grenzen voor de stad Kortrijk”.
HIVA kan nu met dat document gaan leuren bij andere CD&V-ACW bestuurde gemeenten.

Auteur is Ingrid Vanhoren. Niets op aan te merken.
En de promotor was de directeur van HIVA himself, Hubert Cossey. 74 bladzijden (zonder de CD-rom) waarvan 2/3de voor Stad totaal irrelevant. Verschenen in juni 2006 en na veel zoeken nog te vinden op de website van schepen Lybeer. Er was ook een soort voorpublicatie in april 2006 met een overzicht van alle instellingen uit de Kortrijkse sociale economie. Samensteller onbekend. Schoon werk.

De inventarisatie van het werkveld in de HIVA-studie slaat op het voorjaar 2005. En de indicatorenfiche is ingevuld voor het werkjaar 2004. Dit bewijst weer eens het tekort aan bestuurskracht (dit is: onkunde) in de zachte sector.
Kent Ingrid Vanhoren dan de “sociale kaart” niet? Die SOKA is permanent up to date gehouden op internet. (Niet vermeld in de bibliografie!)

Na een één-tweetje met raadslid Filip Santy heeft schepen Lybeer al in de gemeenteraad van november 2003 de noodzaak van een studieopdracht voorgesteld. Hij wist toen zeker al dat HIVA hiervoor zou instaan.

Wie in opdracht een studie maakt moet altijd tonen dat hij zijn geld waard is. Iets uitvinden. Nieuw woordje zoeken. Anders catalogiseren. Een klaverbladmodel voorstellen. Een matrix.

Auteur Ingrid Vanhoren heeft gemeend er goed aan te doen om vier “werkvormen” te ontdekken in de sociale economie. Gebaseerd op de wijze van subsidiëring !
1. Degressieve subsidiëring: invoegbedrijven en -afdelingen.
2. Permanente subsidiëring: beschutte en sociale werkplaatsen, arbeidszorg. (Ingrid vindt dat er géén beschutte werkplaatsen zijn in Kortrijk.)
3. Tijdelijke subsidiëring: initiatieven en projecten inzake begeleiding, opleiding, werkervaring voor kansengroepen.

Natuurlijk is deze indeling niet sluitend.
Ingrid heeft er dan maar een vierde werkvorm (buiten het crtiterium van subsidiëring) tegenaan gegooid: de nieuwe diensteneconomie.
En heel raar is dat de HIVA-studie 29 sociale economie-projecten inventariseert, maar Kanaal 127 en de Werkwinkel daar even buiten laat.

In de inleiding haast de auteur zich om te melden dat het doel van de opdracht in de eerste plaats was om het veld van de sociale economie in kaart te brengen, zonder het beleid van Stad te evalueren.
Dus krijgen we Рzoals hier al meermaals uitgelegd Рnog altijd geen nauwgezette berekening van de kost van ̩̩n jobcreatie in de sociale economie.

We krijgen wel enigzins een indicatie.
Maar is die wel betrouwbaar?
Volgens Ingrid zorgen sociale economie-initiatieven voor een tewerkstelling van 449,5 doelgroepwerknemers en 96,5 omkaderingspersoneel in voltijdse equivalenten. Gegevens uit 2004-2005.
Volgens schepen Lybeer konden we in maart 2006 evenwel onze 1000ste werknemer vieren in het socio-economiewerkveld.
Waarom zegt Ingrid dat dan niet? Haar studie is in juni 2006 verschenen.
Het is zeer eigen aan de zachte sector: men kan daar gewoon niet tellen.

P.S.
Ook raar.
Op de website van HIVA is er sprake van nog een studie over “regiemodellen werkgelegenheid en sociale economie in Kortrijk”. Opdracht van februari 2006. Einde van de studie was voorzien in mei 2006. Onderzoekers: Gert Van den Broeck én Ingrid !

(Wordt vervolgd, wel op een andere bladzijde.)

Hoeveel kostte uw fluorescerend jasje ?

Even tussendoor.

In april 2005 kocht Stad 11.105 fluohesjes. Voor een gemiddelde prijs (small, large,extra large) van 2,25 euro, BTW inbegrepen en de jasjes waren zelfs nog voorzien van het stadslogo.
De offertes schommelden tussen 1,86 euro en 3,02 euro per stuk (zonder BTW).

Die vesten, zijn ze “made in Sina”?
Bij de goddeloze kommunisten?
Toch niet in onze zusterstad aldaar? WUXI !

30 jaar OCMW op 1 maart 2007

De OCMW-wet die elke inwoner van België een menswaardig bestaan garandeert en in elke gemeente een OCMW oprichtte (voorheen de C.O.O.) viert haar 30ste verjaardag.

U weet ongetwijfeld al dat Christian Dupont, onze Minister van Maatschappelijke Integratie, deze gebeurtenis wil onderstrepen met een groots evenement. Meer speciaal rond initiatieven van OCMW’s om hun cliënten meer en beter te laten participeren aan het sociale, culturele en sportieve leven.
Want doorheen de jaren is de hulpverlening die het OCMW biedt ingrijpend gewijzigd. Gaande van financiële steun tot meer emanciperende maatregelen zoals het aanbieden van een gerecycleerde PC aan kansarmen.

Het evenement van minister Dupont zal plaatshebben op 1 maart in de Brussel Event Brewery (BEB), Delaunoystraat 58 te 1080 Brussel.
U kan nu tóch nog inschrijven tot en met 23 februari. Per email op uw gerecycleerde PC naar het adres events@fast.be. Declareer uw kosten als kansarmoedige cliënt of medewerker maar bij het OCMW. Geld genoeg. (Men krijgt het niet op, terzake participatie.)

Best parkeren aan het slachthuis van Anderlecht. Daar zijn héél gezellige cafeetjes. Resto’s voor de meest verscheidene soorten marginalen. (Ga vooral eten bij de zwartjes.)
Laurette Onkelinx, Miet Smet, Magda De Galan, Johan Vande Lanotte, Frans Destoop, Franceska Verhenne komen ook.

En Kortrijkwatcher viert mee. Al lezend.
Want ondanks de vele inspanningen die OCMW-personeelsleden én mandatarissen dag na dag leveren, blijven armoede en sociale uitsluiting bestaan. Kijk maar rondom u.

Lees een volgende keer alhier iets over de studie van het Hoger Instituut voor de Arbeid (HIVA- verbonden aan de KUL) met betrekking tot de werkgelegenheid en de sociale economie in Kortrijk.
Die (dure) studie – nota bene in opdracht van Stad (schepen Lieben Lybeer?) – is nog nergens besproken, niet in de gemeenteraad, niet in de OCMW-raad.
Wat zijn de ambities, mogelijkheden en grenzen voor Stad? Een rapport dat al dateert van juni 2006. Door niemand gelezen.

STRAKS HIER EINDELIJK EENS EEN EIGENGEREIDE SAMENVATTING VAN HET VERTICAAL GEKLASSEERDE DOSSIER.
Meenemen naar Anderlecht!

Quote van de dag (3)

Gewezen premier Wilfried Martens (CD&V) in “De Standaard” van 17-18 februari (weekendkatern):

“Als we straks opnieuw deel uitmaken van de federale regering, moeten we ook daar een nieuw team vormen . Naast Yves Leterme en Herman Van Rompuy hoort daarin ook iemand als Pieter De Crem thuis. Ook Hendrik Bogaert lijkt me een mogelijkheid, en wat gaat Stefaan De Clerck doen?
Als hij lijsttrekker wordt voor de Kamer in West-Vlaanderen is dat een kans voor hem om terug te komen.

P.S.
Persoonlijk zie ik Stefaan eerder gouverneur worden.
En dat wordt dan weer een robbertje (vechten) met de familie de Bethune.

Financiële meevallers (2): de Elia-heffing

Is mijn rekentoestel nu een “emotion machine” aan het worden? Begint vreemd gedrag te vertonen. Lacht met mij?

We zijn samen aan het uitrekenen hoeveel het stadsbestuur verwachtte aan inkomsten uit de Elia-heffing voor de periode 2004-2006.
En hoeveel er uiteindelijk effectief vanwege CREG op de bankrekening van Stad is gegireerd? Ik geloof mijn calculator niet.
Het is iets van 2,3 miljoen euro méér dan waarop het stadsbestuur had gehoopt. Een eerste schijf werd uitbetaald in juni 2005.
Lapt mijn rekenmachine mij nu een practical joke?
Neen, de definitieve afrekeningen zijn nu gekend.

In 2004 verwachtte het stadsbestuur 283.337 euro aan inkomsten uit de Eliaheffing. Uiteindelijk werd het voor dat jaar 1,91 miljoen euro, uitbetaald in 2005.
In 2005 begrootte men 1,95 miljoen. Het werd effectief 2,77 miljoen euro.
Voor 2006 voorzag men 2,79 miljoen. Het is een beetje minder geworden: 2,70 miljoen.

Het totaal aan ontvangsten komt voor de periode 2004-2006 op 7,39 miljoen. En de raming was 5 miljoen en een beetje.
De onverwachte meerinkomsten bedragen 2.360.817 euro.
Als het goed is zeggen we het ook.

P.S.

De Elia-heffing wordt betaald door gezinnen en bedrijven: nu 4,91 euro per magawattuur. Vooral bedrijven zijn de dupe.
De (federale) heffing moet de gemeenten compenseren voor het inkomenverlies dat ze leden na de liberalisering van de elektriciteitsmarkt. Vóór de liberalisering stonden gemeenten immers in voor zowel de distributie als de levering van elektriciteit. Nu zijn ze nog louter verantwoordelijk voor de distributie. Hierdoor verloren de gemeenten een deel van hun vroegere inkomsten. Want gemeenten kregen vroeger jaarlijks een materieel dividend (voor ons op basis van aandelen bij Gaselwest) en een immaterieel (op basis van energieverbruik).

Groot principe van de liberalisering is de scheiding tussen de activiteit van het netbeheer (dat een natuurlijk monopolie blijft) en de overige activiteiten die aan concurrentie blootstaan, namelijk de productie en de levering.
De productie is in handen van bijv. Electrabel, SPE.
Het transport via het hoogspanningsnet is een monopolie van Elia. Elia beheert ook het lokale transportnet voor spanningen van 30.000, 36.000 en 70.000 volt. (De gemeenten hebben via Publi-net een belang van 30 procent in Elia.)
Het beheer van de elektriciteitsdistributienetten is in handen van distributienetbeheerders (DNB’s). Gemengde of zuivere intercommunales.
Gemengde DNB’s doen een beroep op Eandis als operator.
In gemengde intercommunales gebeurt de participatie van de gemeenten via de financieringsintercommunales (bij ons Figga voor Gaselwest).
Leveranciers zijn bijvoorbeeld Electrabel, SPE, Nuon, Luminus, Ecopower. In feite is er slechts op dit niveau sprake van vrije concurrentie.

Financiële meevallers (1): gemeentefonds

Gemeentefonds niet verwarren met stedenfonds, of stadsvernieuwingsfonds. Of verkeersveiligheidsfonds.
Stad Kortrijk krijgt veel geld uit al die fondsen van hogere overheden. En wel een keer méér dan gedacht.

Voortaan lijkt het onze taak om sytematisch de financiële meevallers die zich voordoen te signaleren.
Waarom?
Omdat de burgemeester er in de laatste gemeenteraad weeral heeft op gezinspeeld dat we het financieel lastig zullen hebben om zonder belastingverhoging de lasten te dragen die hogere overheden ons opleggen. Zo dacht hij nu aan de eventuele méérkosten voor de brandweerhervorming.
Hierbij laat hij zorgvuldig buiten beschouwing dat hogere overheden ook voor allerhande compensaties zorgen.

En weet u wat?
Als burgemeester het heeft over financiële uitdagingen die “op ons afkomen” gaat het altijd om zaken die slaan op materies van de federale regering. Dus niet op die van Vlaams CD&V’er minister-president Leterme.

Alle gemeenten (en OCMW’s) krijgen een dotatie uit het Vlaams Gemeentefonds. Het ene bestuur al wat meer dan het andere. Want uiteraard heeft een centrumgemeente (met centrumfunctie) meer lasten te dragen dan een andere. Er zijn ook gemeenten die “te rijk” zijn en daardoor kleine aanslagvoeten kunnen hanteren. Andere lijden dan weer aan “fiscale armoede”.

Nu goed.
In de begroting 2006 had Kortrijk op een dotatie gerekend van 22,4 miljoen euro. Nu blijkt dat het uiteindelijk in het echt 24,3 miljoen zal worden.
Een meevaller van bijna 2 miljoen. Euro!

Die 24,3 miljoen worden verdeeld onder Stad en het OCMW (8 procent).
Stad zelf krijgt nu 22.424.396 euro voor het jaar 2006. En het OCMW 1.949.947 euro.

Voor de begroting van dit jaar mag men volgens de mij laatst bekende gegevens zeker globaal 25,3 miljoen aan ontvangsten inschrijven.
Als ’t goed is zeggen we het ook.

Het investituurdebat (2): excès de zèle

De superzware gemeenteraad (85 punten) van afgelopen maandag 12 februari heeft tot na middernacht geduurd.
Vooral te wijten aan dat plompverloren geagendeerd puntje 29: bespreking van het bestuursakkoord.
Alle aandacht ging daar naartoe, zodat de raadsleden zich opgelucht ontslagen voelden om andere nochtans gewichtige dossiers te doorploegen. Over de miljoenenaankoop van ICT: geen interventie (zelfs niet van Philippe De Coene, gewezen ICT-schepen). Over de 13 VZW-begrotingen en actieplannen: geen kommentaar.

Alles begon met lichtbeelden. Een powerpoint over het bestuursakkoord, nogal haastig en uitvoerig toegelicht door de burgemeester. Hij weet waarom.
Voor veel raadsleden bleek dit allemaal tamelijk nieuw. Raadsleden die de tekst wél kenden keken namelijk niet meer op naar de cinema en wachtten verveeld op het happy end.

De vier fractieleiders (De Coene, Seynaeve, Byttebier, Santy) namen uiteraard het woord, en bijwijlen werd het pas goedgekeurde huishoudelijk reglement over de toegemeten spreektijd fors overschreden.

Na de fundamentele speech van Phillipe De Coene (voor het kartel SP.A-Spirit-Groen) kregen de andere interventies een tamelijk efemeer karakter, en waren hele gedeelten ervan soms zelfs overbodig. Raadsleden zouden een keer moeten leren om hun voorbereide tekst te wijzigen (schrappen) als blijkt dat er iets al duizend keer is gezegd. Alleen Bart Caron deed hiertoe een mislukte poging.

Maarten Seynaeve (VB) verloor zich in “kleine” detailopmerkingen en was nogal chaotisch. Een grote boodschap was er niet. Richtlijn vanuit het Brusselse VB-hoofdkwartier was: positief zijn.
Koen Byttebier (VLD) had lof voor het eigen team, en vond vooral VLD-accenten in het programma. Terwijl de burgemeester het houdt op 10 procent VLD-standpunten en 90 procent CD&V.
Filip Santy (CD&V) nam een beetje de taak van de burgemeester over door te replikeren op andere sprekers. Hij vond het akkoord een ACW-gebeuren. Toch meende hij uit eigen ervaring dat de stadsdiensten nog altijd niet echt goed werken. Ze sturen je van het kastje naar de muur. En hij acht een schepen van Welzijn nodig. Merkwaardig was zijn pleidooi voor camera’s in de openbare ruimte.

Wat heeft Philippe De Coene zoal verteld?
Dat hij wacht op de begroting 2007 en de beleidsplannen om te zien wat er van dat bestuursakkoord daadwerkelijk wordt gerealiseerd. (Tussen haakjes: de burgemeester liet uitschijnen dat de begroting van maart nog louter technisch zal zijn, gebaseerd op de rekening van vorig jaar. De echte begroting komt er pas naar de zomer toe, en de beleidsplannen tegen het eind van het jaar.)
De Coene vindt dat het bestuursakkoord al te veel ronkende verklaringen bevat, en dat meer dan de helft van de 20 pagina’s handelt over bestaande initiatieven of engagementen.
Sommige van die engagementen zijn zelfs niet haalbaar, of kunnen niet eens door Stad gerealiseerd. Bij dit punt kwam hij in zware aanvaring met Carl Decaluwé en de burgemeester toen hij de onzin onderstreepte van de ambitie om op de KULAK alle bacheleropleidingen te realiseren. (De rector heeft dat intussen ook in twijfel getrokken.)
De Coene wijst erop dat het in een Stad als Kortrijk mogelijk is om “bescheiden te blijven waar het hoort” en “ambitieus waar het moet”. Stad zou bijv. een voortrekkersrol kunnen spelen inzake milieubeleid en strijd tegen “de kans op armoede”.
De Coene betwijfelt nog dat er geen verhoging komt van fiscale of pseudo-fiscale inkomsten. In elk geval zal men keuzes moeten maken. Verminderde inkomsten moeten compenseren. (Nu vergat de fractieleider wel dat er nog eind vorig jaar, onder zijn bewind, enkele retributies zijn verhoogd.)
En tenslotte merkte De Coene nog dat er een aantal VLD-programmapunten zeer vaag of eufemistisch uitgedrukt in het bestuursakkoord zijn terecht gekomen. Voorbeeld: De VLD beloofde een lastenverlaging met 10 procent. Dat is geworden: “Het stadsbestuur engageert zich tot een plafonnering van de globale belastingen op het huidig niveau”.

Het was toen halfnegen geworden. De twee babbelaarsters van de CD&V moesten continu naar het WC. Schepen Bral komt gezwind aangezwierd. Raadslid jonge CD&V-turk Patrick Jolie is al lang verdwenen, want de stemmingen over de vele benoemingen zijn voorbij.

Cathérine Matthieu (Groen) pakt uit met een merkwaardig gegeven. Uit een universitaire studie (waar? wanneer?) nog wel blijkt dat in buurten waar in de onmiddellijke nabijheid groen wordt aangetroffen de bevolking met 7 procent groeit. Ja, kindjes komen uit de rode of witte kolen. Mijn moeder liet daar altijd twijfel over bestaan. Maar we moeten wel stoppen met verkavelingen, bijv. Langwater. Zei ze.

Het kersverse raadslid Bert Herrewyn (SP.A) vindt dat de jeugd al te veel gestigmatiseerd wordt. (Burgemeester heeft het dan in zijn repliek over bepaalde “kerels” of “gasten” in de stad die moeten aangepakt worden.)
Bart Caron (Spirit) ontdekte lacunes in het bestuursakkoord. Geen gebenedijd woord over gezondheidsbeleid. Vier regeltjes over interculturaliteit. Geen aandacht voor het culturele verenigingsleven. Niets over monumentenzorg. Te weinig aandacht voor het openbaar vervoer en de deelgemeenten.

En Jan Deweer (VB) moest dringend ook iets kwijt. Het Guldensporencomité moet geherwaardeerd. Het debat werd hiermee niet aangezwengeld.

Burgemeester noch schepenen hadden moeite om te replikeren dat het allemaal niet waar was wat de oppositie te berde bracht. Of negatief. Ontgoochelend. Alles gaat goed!

Toch kregen we aan de staart nog een gevaarlijk zinnetje te horen.
De burgemeester vreest dat er vanwege hogere overheden alweer grote kosten zullen worden opgelegd aan de gemeenten. “Op ons afkomen”. De brandweerhervorming. Het geheel vernieuwen van het rioolsysteem. (Moest al gebeurd zijn.)
Men zal zich herinneren dat de belastingverhoging van 2002 volgens de burgemeester geheel te wijten was aan de politiehervorming. Ex-schepen De Coene zei nog in de Raad dat hij al jaren vraagt om een berekening van de meerkost voor de politiehervorming, maar daarover nooit een antwoord kreeg van zijn eigenste bestuur.